Let op: AI kan fouten maken. Dit artikel is nog niet gecontroleerd door de griffie.
De Provinciale Staten van Flevoland hebben de Perspectiefnota 2026-2029 vastgesteld. Deze nota biedt een strategisch kader voor de ontwikkeling van de provincie, met aandacht voor duurzaamheid, innovatie en samenwerking.
Politiekverslaggever Rijk de Bat
Tijdens de vergadering van de Provinciale Staten is de Perspectiefnota 2026-2029 aangenomen. De nota dient als kader voor de programmabegroting van 2026 en richt zich op een natuurlijk fundament, vitale steden en dorpen, en een toekomstbestendige economie. Verschillende fracties uitten kritiek op het proces, waaronder het ervaren gebrek aan dualisme en samenwerking met het college.
De VVD benadrukte het belang van werkgelegenheid als basis voor brede welvaart en pleitte voor een prominente rol van de arbeidsmarkttransitie in het beleid. De VVD diende samen met de SGP en SterkLokaalFlevoland een motie in om de meerjarige begrotingsruimte te versterken; deze motie werd aangenomen.
De Partij voor de Dieren uitte kritiek op het beperkte aandacht voor dierenwelzijn en klimaat in de nota. De motie van deze partij om een paragraaf dierenwelzijn in alle beleidsstukken op te nemen, werd verworpen.
D66 diende diverse moties in, waaronder een voorstel voor een innovatiefonds circulaire economie. Enkele moties werden ingetrokken na toezeggingen van het college. D66 bleef kritisch op de vaststelling van de tussenevaluatie van het coalitieprogramma.
SterkLokaalFlevoland en 50PLUS gaven aan teleurgesteld te zijn over het uitblijven van steun voor hun voorstellen. Ook de SP en de PvdA spraken over een ervaren gebrek aan dualisme en samenwerking.
De meeste partijen stemden in met de perspectiefnota. GroenLinks gaf aan dat er positieve elementen in de nota staan, maar uitte eveneens kritiek op het proces.
Met de vaststelling van de perspectiefnota is het strategisch kader voor de komende jaren vastgesteld. De discussie in de Staten maakte duidelijk dat er aandacht blijft voor samenwerking en vertrouwen tussen de partijen.
Samenvatting van het voorstel
De Provinciale Staten overwegen de Perspectiefnota 2026-2029 vast te stellen als kader voor de programmabegroting van 2026. Deze nota biedt een strategisch kader voor de ontwikkeling van Flevoland, met aandacht voor duurzaamheid, innovatie en samenwerking. Het doel is een solide financieel beleid te voeren met een sluitende begroting en verantwoorde reserves. De nota schetst beleidsmatige en financiële kaders, met focus op een robuust natuurlijk fundament, vitale steden en dorpen, en een toekomstbestendige economie. Er zijn onzekerheden door tijdelijke financiële oplossingen van het Rijk en mogelijke herverdeling van het provinciefonds. De Provinciale Staten kunnen tijdens de Algemene Beschouwingen kaders stellen voor de programmabegroting 2026. De uitkomsten hiervan worden verwerkt in de ontwerp programmabegroting, die in november 2025 wordt behandeld. De nota benadrukt ook de noodzaak van innovatieve oplossingen voor netcongestie en nieuwe wettelijke taken zoals volkshuisvesting. De financiële ruimte blijft tot 2029 in evenwicht, maar er zijn risico's door mogelijke wijzigingen in het provinciefonds en belastingcapaciteit.
Titel en Samenvatting:
De titel van het voorstel is "Perspectiefnota 2026-2029". Het voorstel schetst de beleidsmatige en financiële kaders voor de provincie Flevoland voor de periode 2026-2029. Het richt zich op een robuust natuurlijk fundament, vitale steden en dorpen, en een toekomstbestendige innovatieve economie. Er wordt gestreefd naar een balans tussen landbouw en natuur, met aandacht voor waterbeheer en innovatieve oplossingen voor netcongestie. De nota bevat ook voorstellen voor nieuwe wettelijke taken zoals volkshuisvesting. Financieel blijft de begroting tot 2029 in evenwicht, maar er zijn onzekerheden door tijdelijke financiële oplossingen van het Rijk en mogelijke herverdeling van het provinciefonds.
Volledigheid van het Voorstel:
Het voorstel is redelijk volledig, met een uitgebreide beschrijving van de beleidsmatige en financiële kaders. Het biedt inzicht in de strategische visie en de financiële situatie, inclusief risico's en onzekerheden.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten hebben de bevoegdheid om kaders te stellen voor de programmabegroting. Ze worden geïnformeerd over de ontwikkelingen die van invloed zijn op de begroting en kunnen tijdens de Algemene Beschouwingen kaders stellen voor de programmabegroting 2026.
Politieke Keuzes:
De Staten moeten keuzes maken over de prioritering van middelen, vooral gezien de afnemende begrotingsruimte en de noodzaak om reserves te behouden voor toekomstige uitdagingen. Er moet ook worden besloten hoe om te gaan met de onzekerheden rondom het provinciefonds en de tijdelijke financiële oplossingen van het Rijk.
SMART en Inconsistenties:
Het voorstel is niet volledig SMART (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, Tijdgebonden) geformuleerd, vooral omdat het veel onzekerheden en afhankelijkheden bevat. Er zijn geen duidelijke meetbare doelen of tijdlijnen voor de voorgestelde beleidsmaatregelen.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten moeten besluiten de perspectiefnota vast te stellen als kader voor de programmabegroting 2026.
Participatie:
Het voorstel vermeldt samenwerking met Flevolandse gemeentes, waterschappen, bedrijven en inwoners, wat wijst op een participatieve aanpak.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid is een relevant onderwerp, gezien de focus op een robuust natuurlijk fundament en balans tussen landbouw en natuur.
Financiële Gevolgen:
De financiële gevolgen zijn aanzienlijk, met een structureel in evenwicht zijnde begroting tot 2029, maar met risico's door tijdelijke oplossingen van het Rijk en mogelijke herverdeling van het provinciefonds. Er wordt gezocht naar andere financieringsbronnen om een gezonde financiële positie te behouden.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel en Samenvatting:
Het amendement heeft als titel "Tussentijdse evaluatie apart behandelen" en stelt voor om de tussenevaluatie van het coalitieakkoord afzonderlijk te bespreken in een integrale commissievergadering of tijdens de eerstvolgende Statenconferentie. Het amendement benadrukt dat de evaluatie een fundamentele en politieke weging vereist van de voortgang en koers van het coalitiebeleid, en dat dit beter tot zijn recht komt in een aparte bespreking dan als onderdeel van de Perspectiefnota, die primair financieel van aard is.
Oordeel over de volledigheid:
Het voorstel is redelijk volledig in zijn argumentatie waarom de tussenevaluatie apart behandeld moet worden. Het biedt een duidelijke redenatie en context voor de voorgestelde wijziging.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten moeten beslissen of zij het amendement aannemen en daarmee de tussenevaluatie van het coalitieakkoord afzonderlijk willen bespreken, los van de Perspectiefnota.
Politieke keuzes:
De Staten moeten kiezen of zij de evaluatie als een apart onderwerp willen behandelen, wat meer ruimte biedt voor politieke en inhoudelijke reflectie, of dat zij het onderdeel willen laten van de financiële en beleidsmatige bespreking van de Perspectiefnota.
SMART en Inconsistenties:
Het voorstel is specifiek en meetbaar in de zin dat het een duidelijke actie voorstelt (afzonderlijke bespreking). Het is echter minder tijdgebonden, omdat het afhangt van het vinden van een passend moment. Er zijn geen duidelijke inconsistenties in het voorstel.
Besluit voor de Provinciale Staten:
De Staten moeten besluiten of zij het amendement aannemen, wat zou betekenen dat de tussenevaluatie apart wordt besproken.
Participatie:
Het voorstel zegt weinig over participatie van externe partijen of burgers. Het richt zich voornamelijk op de interne procedure van de Staten.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid wordt niet expliciet genoemd als onderwerp in dit voorstel. Het richt zich meer op de procedurele kant van beleidsbesprekingen.
Financiële gevolgen:
Het amendement zelf heeft geen directe financiële gevolgen, aangezien het gaat om de wijze van bespreking van de evaluatie. Er wordt niet aangegeven hoe eventuele kosten gedekt worden, maar deze lijken minimaal te zijn.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel en Samenvatting:
De motie is getiteld "Regioplan laaggeletterdheid 2026-2030". Het voorstel richt zich op het initiëren van een nieuw regioplan om laaggeletterdheid in Flevoland aan te pakken. Het benadrukt de noodzaak van samenwerking met regionale partners en het gebruik van de evaluatie van het vorige regioplan (2021-2024). Er wordt voorgesteld om €300.000 te reserveren voor de uitvoering van dit plan, met integratie binnen de Sociale Agenda. Het doel is om de arbeidsmarktkansen en de economische slagkracht van de regio te verbeteren door te investeren in taal- en basisvaardigheden.
Oordeel over de volledigheid:
Het voorstel is redelijk volledig. Het bevat een duidelijke probleemstelling, een evaluatie van eerdere inspanningen, en een financieel plan. Echter, specifieke details over de uitvoering en meetbare doelen ontbreken.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten moeten de motie goedkeuren en toezicht houden op de uitvoering ervan. Ze spelen een rol in het reserveren van de benodigde financiële middelen en het monitoren van de voortgang.
Politieke keuzes:
De Staten moeten beslissen over de prioritering van laaggeletterdheid binnen de Sociale Agenda en de toewijzing van financiële middelen. Ze moeten ook bepalen welke partners betrokken worden bij de uitvoering.
SMART en Inconsistenties:
Het voorstel is niet volledig SMART (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, Tijdgebonden). Het mist specifieke meetbare doelen en tijdlijnen voor de uitvoering. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de specificiteit kan verbeterd worden.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Staten moeten besluiten of ze de motie aannemen en de voorgestelde financiële reservering goedkeuren.
Participatie:
Het voorstel benadrukt samenwerking met regionale partners, maar geeft geen gedetailleerde informatie over hoe participatie van deze partners wordt vormgegeven.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid wordt niet expliciet genoemd, maar het verbeteren van basisvaardigheden kan bijdragen aan sociale duurzaamheid door de economische weerbaarheid van individuen te vergroten.
Financiële gevolgen:
Er wordt voorgesteld om €300.000 te reserveren uit de Brede Bestemmingsreserve. Het voorstel geeft aan dat deze middelen worden geïntegreerd binnen de Sociale Agenda, maar verdere details over de dekking en verdeling ontbreken.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel en Samenvatting:
De motie draagt de titel "Statushouders aan het werk" en richt zich op het aanpakken van personeelstekorten in publieke sectoren zoals zorg, onderwijs en openbaar vervoer door het inzetten van statushouders en andere groepen met een afstand tot de arbeidsmarkt. De motie verzoekt het college om een verkennend programma uit te werken dat de inzet van deze groepen in sectoren met personeelstekorten onderzoekt. Hierbij wordt samengewerkt met gemeenten, het Werkbedrijf en sectororganisaties. Het voorstel moet gelijktijdig met de begroting 2026 worden gepresenteerd en er wordt een budget van maximaal €500.000 voorgesteld, te dekken uit de Brede Bestemmingsreserve.
Oordeel over de volledigheid:
De motie is redelijk volledig, aangezien het concrete stappen en samenwerkingsverbanden benoemt. Echter, verdere details over de uitvoering en specifieke doelstellingen ontbreken, wat de volledigheid enigszins beperkt.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten hebben de rol om de motie te beoordelen en goed te keuren. Ze moeten beslissen over de toewijzing van middelen en de richting van het beleid met betrekking tot arbeidsmarktintegratie van statushouders.
Politieke keuzes:
De Staten moeten kiezen of ze prioriteit geven aan het inzetten van statushouders om personeelstekorten aan te pakken en of ze bereid zijn om hiervoor financiële middelen vrij te maken. Ze moeten ook beslissen over de samenwerking met andere partijen en de focus op traineeships.
SMART en Inconsistenties:
De motie is niet volledig SMART (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, Tijdgebonden) geformuleerd. Hoewel er een tijdsframe en budget worden genoemd, ontbreken specifieke meetbare doelen en resultaten. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de motie kan concreter worden uitgewerkt.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten moeten besluiten of ze de motie aannemen en het college de opdracht geven om het verkennend programma uit te werken en de financiële middelen toe te wijzen.
Participatie:
De motie benadrukt samenwerking met gemeenten, het Werkbedrijf en sectororganisaties, wat wijst op een participatieve aanpak. Echter, de mate van betrokkenheid van statushouders zelf wordt niet specifiek genoemd.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid wordt impliciet genoemd in termen van "duurzame participatie," maar er is geen expliciete focus op ecologische duurzaamheid.
Financiële gevolgen:
De motie stelt een budget van maximaal €500.000 voor, te dekken uit het ongeoormerkte deel van de Brede Bestemmingsreserve. Dit geeft aan dat er financiële middelen beschikbaar zijn, maar verdere details over de kostenverdeling en mogelijke extra financiering ontbreken.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel en Samenvatting:
De motie heeft als titel "Jeugdzorg" en is ingediend onder agendapunt 9b van de vergadering van Provinciale Staten van Flevoland. De motie constateert dat de jeugdzorg in Flevoland onder druk staat door stijgende kosten en organisatorische uitdagingen bij gemeentes. SterkLokaalFlevoland stelt voor om een noodfonds op te zetten, gefinancierd uit de brede bestemmingsreserve van de provincie, om gemeentes te ondersteunen bij crisissituaties in de jeugdzorg.
Volledigheid van het Voorstel:
De motie is redelijk volledig in het identificeren van het probleem en het voorstellen van een oplossing. Echter, details over de omvang van het noodfonds, de criteria voor toekenning en de specifieke crisissituaties die in aanmerking komen, ontbreken.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten moeten de motie bespreken en besluiten of zij het college verzoeken om het voorgestelde noodfonds op te zetten. Zij spelen een cruciale rol in het goedkeuren en mogelijk maken van de financiering vanuit de provinciale reserves.
Politieke Keuzes:
De Staten moeten beslissen of zij provinciale middelen willen inzetten voor een probleem dat primair onder de verantwoordelijkheid van de gemeentes valt. Dit vraagt om een afweging tussen provinciale en gemeentelijke verantwoordelijkheden en prioriteiten.
SMART en Inconsistenties:
De motie is niet volledig SMART (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, Tijdgebonden) geformuleerd. Er ontbreken specifieke details over de omvang van het fonds, de meetbare doelen en de tijdslijn voor implementatie. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de motie kan concreter.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten moeten besluiten of zij het college verzoeken om het noodfonds op te zetten en of zij de voorgestelde financiering uit de brede bestemmingsreserve goedkeuren.
Participatie:
De motie vermeldt niets over participatie van belanghebbenden, zoals gemeentes of jeugdzorgorganisaties, bij de opzet en uitvoering van het noodfonds.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid wordt niet expliciet genoemd in de motie en lijkt geen direct relevant onderwerp in dit voorstel.
Financiële Gevolgen:
De motie suggereert dat de financiering voor het noodfonds uit de brede bestemmingsreserve van de provincie kan komen. Er wordt echter niet gespecificeerd hoeveel geld beschikbaar wordt gesteld of hoe dit precies gedekt wordt binnen de provinciale begroting.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Samenvatting: De motie stelt voor om het belastingtarief van de opcenten Motorrijtuigenbelasting (MRB) in 2026 eenmalig te verlagen met een totaalbedrag van € 500.000. Dit bedrag moet worden gedekt uit de brede bestemmingsreserve. De motie is ingediend door A.A. Ruyssenaars van Sterk Lokaal Flevoland en beoogt autobezitters in Flevoland financieel tegemoet te komen, gezien de stijgende kosten voor autobezit, inclusief voor elektrische voertuigen. De verlaging moet autobezitters meer financiële ruimte geven voor andere uitgaven.
Oordeel over de volledigheid van het voorstel
De motie is beknopt en richt zich specifiek op de verlaging van de opcenten MRB. Het bevat een duidelijke financiële dekking door te verwijzen naar de brede bestemmingsreserve. Echter, het voorstel mist een gedetailleerde analyse van de langetermijneffecten en de impact op de provinciale begroting.
Rol van de Provinciale Staten
De Provinciale Staten moeten de motie bespreken en stemmen over de voorgestelde verlaging van de opcenten MRB. Zij hebben de bevoegdheid om het belastingtarief aan te passen en de financiële dekking goed te keuren.
Politieke keuzes
De Staten moeten kiezen tussen het verlichten van de financiële lasten voor autobezitters en het behouden van de huidige inkomsten uit de opcenten MRB. Dit kan invloed hebben op andere provinciale uitgaven en investeringen.
SMART en Inconsistenties
De motie is specifiek en meetbaar (verlaging met € 500.000), maar mist tijdgebonden elementen en een evaluatieplan. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de langetermijnimpact is niet uitgewerkt.
Besluit van de Provinciale Staten
De Staten moeten besluiten of zij akkoord gaan met de voorgestelde verlaging van de opcenten MRB en de dekking uit de brede bestemmingsreserve.
Participatie
De motie vermeldt geen specifieke participatie van burgers of belanghebbenden in het besluitvormingsproces.
Duurzaamheid
Duurzaamheid wordt niet expliciet genoemd in de motie. De focus ligt op financiële verlichting voor autobezitters, zonder aandacht voor milieueffecten.
Financiële gevolgen
De verlaging van de opcenten MRB kost € 500.000, te dekken uit de brede bestemmingsreserve. Er is geen verdere uitleg over de impact op de provinciale begroting of andere financiële verplichtingen.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel en Samenvatting:
De motie draagt de titel "Thorium en Kernenergie" en is ingediend tijdens de vergadering van de Provinciale Staten van Flevoland op 18 juni 2025. De motie stelt dat de huidige netcongestie in Flevoland langer duurt dan verwacht en dat wind- en zonne-energie niet betrouwbaar genoeg zijn als constante energiebronnen. Er is een groeiende positieve houding ten opzichte van thorium en kernenergie. De motie verzoekt het college om proactief te onderzoeken wat de mogelijkheden zijn voor thorium en kernenergie in Flevoland, zonder te wachten op landelijke onderzoeken die door de val van de regering verder vertraagd worden.
Volledigheid van het Voorstel:
De motie is redelijk volledig in het adresseren van de huidige problemen met netcongestie en de behoefte aan betrouwbare energiebronnen. Echter, het mist gedetailleerde informatie over de specifieke stappen die genomen moeten worden voor het onderzoek naar thorium en kernenergie.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten spelen een beslissende rol door te stemmen over de motie en daarmee het college te verzoeken om actie te ondernemen. Ze fungeren als het orgaan dat de richting bepaalt voor het energiebeleid in de provincie.
Politieke Keuzes:
De politieke keuzes omvatten het al dan niet ondersteunen van de motie, wat impliceert dat de Provinciale Staten moeten beslissen of ze thorium en kernenergie als haalbare opties willen onderzoeken, ondanks het ontbreken van landelijke richtlijnen.
SMART en Inconsistenties:
De motie is niet volledig SMART (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, Tijdgebonden) omdat het geen specifieke tijdslijnen of meetbare doelen bevat. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de haalbaarheid en financiering van het onderzoek blijven onduidelijk.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten moeten beslissen of ze de motie aannemen of verwerpen. Dit besluit bepaalt of het college wordt verzocht om zelfstandig onderzoek te doen naar thorium en kernenergie.
Participatie:
De motie vermeldt geen specifieke participatie van burgers of andere belanghebbenden in het onderzoek, hoewel het wel de zorgen van de Flevolanders adresseert.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid is een relevant onderwerp, aangezien de motie alternatieve energiebronnen zoals thorium en kernenergie onderzoekt als aanvulling op wind- en zonne-energie.
Financiële Gevolgen:
De motie specificeert niet de financiële gevolgen of hoe deze gedekt zouden worden. Dit is een belangrijk aspect dat verder uitgewerkt moet worden om de haalbaarheid van het voorstel te beoordelen.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Samenvatting: De motie richt zich op het bevorderen van innovatie en kennisontwikkeling in de biologische landbouw in Flevoland. Het benadrukt het belang van de Boerderij van de Toekomst (BvT) als centrum voor onderzoek en experimenten. De motie stelt voor om in gesprek te gaan met relevante partijen om onderzoeksmogelijkheden voor biologische landbouw op de BvT te verkennen en een plan hiervoor uit te werken. Er wordt voorgesteld om maximaal € 100.000 te reserveren uit de brede bestemmingsreserve voor de uitvoering van dit plan.
Oordeel over de volledigheid
De motie is redelijk volledig in het beschrijven van de context en de voorgestelde acties. Het benoemt de betrokken partijen en de financiële implicaties. Echter, details over de exacte uitvoering en tijdslijnen ontbreken.
Rol van de Provinciale Staten
De Provinciale Staten hebben de rol om de motie te bespreken, te amenderen indien nodig, en uiteindelijk te stemmen over de goedkeuring ervan. Ze moeten ook toezicht houden op de uitvoering van de motie door het College.
Politieke keuzes
De Staten moeten beslissen of ze de voorgestelde investering in biologische landbouw en innovatie willen ondersteunen. Dit omvat het afwegen van de kosten tegen de verwachte voordelen voor de landbouwsector in Flevoland.
SMART en Inconsistenties
De motie is gedeeltelijk SMART: het is specifiek en meetbaar in termen van het financiële bedrag, maar mist specifieke tijdsgebonden doelen en gedetailleerde uitvoeringsplannen. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de motie zou baat hebben bij meer concrete tijdlijnen.
Besluit van de Provinciale Staten
De Provinciale Staten moeten besluiten of ze de motie aannemen en het College verzoeken om de voorgestelde acties uit te voeren.
Participatie
De motie benadrukt samenwerking met BDEKO en de BvT, maar er is weinig detail over bredere participatie van andere belanghebbenden, zoals lokale boeren of onderzoeksinstellingen.
Duurzaamheid
Duurzaamheid is een centraal thema in de motie, gezien de focus op biologische landbouw en innovatieve technieken zoals robotisering en groene bestrijdingsmiddelen.
Financiële gevolgen
De motie vraagt om een reservering van maximaal € 100.000 uit het ongeoormerkte deel van de brede bestemmingsreserve. Er wordt geen gedetailleerd dekkingsplan gepresenteerd, maar de bron van de financiering is duidelijk aangegeven.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel en Samenvatting:
De motie draagt de titel "Versnelling oplossingen netcongestie en de-centrale energieopslag in Flevoland". Het doel is om de netcongestie in Flevoland aan te pakken door het uitbreiden van een subsidieregeling voor thuis- en buurtbatterijen tot een totaalbudget van € 4 miljoen. Dit budget moet worden gebruikt voor een breed pakket aan maatregelen, waaronder thuisbatterijen, buurtbatterijen, lokale energiehubs en slimme netoplossingen. De motie benadrukt samenwerking tussen overheden, netbeheerders, bedrijven en bewoners en stelt voor de extra middelen te dekken uit de brede bestemmingsreserve.
Oordeel over de volledigheid:
De motie is redelijk volledig, met duidelijke doelen en een voorgestelde financieringsbron. Echter, details over de exacte implementatie en de specifieke criteria voor de subsidieregeling ontbreken.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten moeten de motie goedkeuren en toezicht houden op de uitvoering ervan. Ze worden ook geïnformeerd over de voortgang en resultaten.
Politieke keuzes:
De Staten moeten beslissen over de toewijzing van € 4 miljoen uit de brede bestemmingsreserve en de prioriteit die ze geven aan het oplossen van netcongestie versus andere mogelijke investeringen.
SMART en Inconsistenties:
De motie is deels SMART: het is specifiek, meetbaar (budget en doelen), en tijdgebonden (terugkoppeling in Q3 2026). Echter, het is minder specifiek over de haalbaarheid en de exacte criteria voor succes. Er zijn geen duidelijke inconsistenties.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Staten moeten besluiten of ze de motie aannemen en het voorgestelde budget goedkeuren.
Participatie:
De motie benadrukt samenwerking met inwoners, energiecoöperaties en bedrijven, wat wijst op een participatieve aanpak.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid is een kernonderwerp, gezien de focus op energietransitie en decentrale energieoplossingen.
Financiële gevolgen:
De financiële gevolgen zijn een investering van € 4 miljoen, gedekt uit de brede bestemmingsreserve. Verdere details over de financiële impact op lange termijn worden niet gespecificeerd.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Analyse van de Motie: Extra middelen voor de Uitvoeringsaanpak Landelijk Gebied (ULG)
Titel en Samenvatting:
De motie draagt de titel "Extra middelen voor de Uitvoeringsaanpak Landelijk Gebied (ULG)." Het voorstel vraagt om een extra bedrag van € 4 miljoen voor de uitvoering van de ULG, die de landbouwvisie van Flevoland ondersteunt. De motie benadrukt het belang van innovatieve oplossingen vanuit de agrarische sector en de rol van "De Boerderij van de Toekomst" in het realiseren van de landbouwdoelen. Het bedrag moet worden gedekt uit de brede bestemmingsreserve en de Provinciale Staten moeten voor het einde van 2025 worden geïnformeerd over de inzet van deze middelen.
Volledigheid van het Voorstel:
Het voorstel is redelijk volledig. Het bevat een duidelijke financiële vraag en een specifieke bron voor de dekking van de kosten. Echter, de motie zou baat hebben bij meer gedetailleerde informatie over de specifieke maatregelen die met de extra middelen worden gefinancierd.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten hebben de rol om de motie te beoordelen en goed te keuren. Ze moeten beslissen of de voorgestelde extra middelen in lijn zijn met de provinciale prioriteiten en of de dekking uit de brede bestemmingsreserve gerechtvaardigd is.
Politieke Keuzes:
De Staten moeten beslissen of ze de extra investering in de ULG ondersteunen, gezien de financiële implicaties en de prioritering van provinciale middelen. Ze moeten ook overwegen of de voorgestelde maatregelen voldoende bijdragen aan de landbouwvisie en andere provinciale doelen.
SMART-Analyse en Inconsistenties:
De motie is specifiek en meetbaar in termen van het gevraagde bedrag en de bron van financiering. Echter, het mist specifieke, tijdgebonden doelen voor de beoogde resultaten van de investering. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de motie zou sterker zijn met concrete doelstellingen en tijdlijnen.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Staten moeten besluiten of ze de motie aannemen en daarmee instemmen met de extra financiering voor de ULG.
Participatie:
De motie vermeldt geen specifieke participatie van stakeholders of burgers in de besluitvorming of uitvoering van de ULG.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid is een relevant onderwerp, aangezien de motie zich richt op een toekomstbestendig en veerkrachtig landelijk gebied, met aandacht voor bodem- en waterkwaliteit en veerkrachtige landbouw.
Financiële Gevolgen:
De financiële gevolgen zijn duidelijk: een extra investering van € 4 miljoen, gedekt uit het ongeoormerkte deel van de brede bestemmingsreserve. De motie vraagt om een nadere onderbouwing van de inzet van deze middelen, wat belangrijk is voor transparantie en verantwoording.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel en Samenvatting:
De motie is getiteld "De N50 weer op de kaart" en richt zich op het verbeteren van de verkeersveiligheid en doorstroming van de N50, een belangrijke verkeersader in Flevoland. De motie constateert dat de N50 al jaren een knelpunt is en dat eerdere toezeggingen van het Rijk niet tot concrete verbeteringen hebben geleid. De Provinciale Staten van Flevoland worden verzocht om zich actief in te zetten voor structurele verbeteringen, met specifieke aandacht voor verkeersveiligheid en doorstroming, en om hierover te rapporteren bij de Programmabegroting van 2026.
Volledigheid van het Voorstel:
De motie is redelijk volledig in het identificeren van het probleem en het benadrukken van de noodzaak voor actie. Het verwijst naar eerdere onderzoeken en statistieken om de urgentie te onderbouwen. Echter, het mist specifieke details over de voorgestelde verbetermaatregelen.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten worden gevraagd om het college te verzoeken zich actief in te zetten voor de verbetering van de N50 en om hierover te rapporteren. Hun rol is om de motie te steunen en het college te controleren op de uitvoering ervan.
Politieke Keuzes:
De Staten moeten beslissen of ze prioriteit willen geven aan de verbetering van de N50 en of ze bereid zijn om middelen en politieke druk in te zetten om dit te realiseren.
SMART en Inconsistenties:
De motie is niet volledig SMART (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, Tijdgebonden) omdat het geen specifieke maatregelen of tijdlijnen bevat. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de motie zou baat hebben bij meer concrete doelstellingen.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Staten moeten beslissen of ze de motie aannemen en daarmee het college verzoeken om actie te ondernemen voor de verbetering van de N50.
Participatie:
De motie benadrukt de noodzaak van samenwerking met betrokken gemeentes en de provincie, maar geeft geen specifieke details over participatie van burgers of andere belanghebbenden.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid wordt niet expliciet genoemd in de motie, maar verbeteringen in verkeersveiligheid en doorstroming kunnen indirect bijdragen aan duurzamere mobiliteit.
Financiële Gevolgen:
De motie vermeldt geen specifieke financiële gevolgen of hoe deze gedekt zouden worden. Dit is een belangrijk aspect dat verder uitgewerkt moet worden in de vervolgstappen.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel en Samenvatting:
De titel van de motie is "Betaalbaar wonen voor iedereen in Flevoland". De motie richt zich op het aanpakken van de woningnood in Flevoland, met een specifieke focus op het vergroten van het aantal sociale huurwoningen. Het constateert dat de huidige nieuwbouwprojecten zich voornamelijk richten op het midden- en hoge segment, waardoor starters, jongeren en mensen met lage inkomens moeilijk aan een betaalbare woning kunnen komen. De motie verzoekt het college om bij toekomstige woningbouwprojecten te sturen op de realisatie van voldoende sociale huurwoningen en daarbij gebruik te maken van financiële en planologische instrumenten.
Volledigheid van het Voorstel:
De motie is redelijk volledig in het adresseren van het probleem van woningnood en het benadrukken van de noodzaak voor meer sociale huurwoningen. Het biedt concrete acties zoals het opnemen van expliciete doelen in de provinciale woonagenda en het inzetten van provinciale instrumenten.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten hebben de rol om de motie te bespreken, te amenderen indien nodig, en uiteindelijk te stemmen over de aanneming ervan. Ze moeten ook toezicht houden op de uitvoering van de motie door het college.
Politieke Keuzes:
De politieke keuzes betreffen de prioritering van sociale woningbouw boven andere segmenten, het gebruik van provinciale middelen en instrumenten om dit te bevorderen, en de samenwerking met gemeenten om deze doelen te realiseren.
SMART en Inconsistenties:
De motie is deels SMART (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, Tijdgebonden) doordat het expliciete doelen en monitoring voorstelt. Echter, het mist specifieke kwantitatieve doelen en tijdlijnen voor de realisatie van sociale huurwoningen.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten moeten besluiten of ze de motie aannemen en daarmee het college opdragen om de voorgestelde acties uit te voeren.
Participatie:
De motie benadrukt de noodzaak van samenwerking met gemeenten, maar zegt weinig over directe participatie van burgers of andere belanghebbenden in het proces.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid wordt niet expliciet genoemd in de motie, maar kan impliciet relevant zijn bij de ontwikkeling van nieuwe woningbouwprojecten.
Financiële Gevolgen:
De motie vraagt om de inzet van financiële instrumenten, maar specificeert niet welke middelen beschikbaar zijn of hoe deze gedekt worden. Dit kan een aandachtspunt zijn voor verdere uitwerking.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel en Samenvatting:
De titel van de motie is "Passende MaaS-oplossingen per gemeente". De motie richt zich op het ontwikkelen en implementeren van op maat gemaakte Mobility as a Service (MaaS)-oplossingen voor verschillende gemeenten in de provincie Flevoland. Het erkent de unieke ruimtelijke structuren en mobiliteitsbehoeften van gemeenten zoals Zeewolde, Dronten, Noordoostpolder en Urk. De motie benadrukt het belang van goed functionerende en toegankelijke mobiliteitsoplossingen om de bereikbaarheid en leefbaarheid te verbeteren. Het roept op tot samenwerking met gemeenten, verbetering van de bekendheid van bestaande MaaS-initiatieven, evaluatie van pilots, en het reserveren van €500.000 voor deze initiatieven.
Volledigheid van het Voorstel:
Het voorstel is redelijk volledig. Het identificeert de huidige situatie, de noodzaak voor maatwerk per gemeente, en de financiële middelen die nodig zijn. Echter, het mist specifieke details over hoe de implementatie en evaluatie precies zullen plaatsvinden.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten moeten de motie beoordelen en besluiten of ze het college verzoeken om de voorgestelde acties uit te voeren. Ze spelen een toezichthoudende rol en moeten ervoor zorgen dat de doelen van de motie worden bereikt.
Politieke Keuzes:
De Staten moeten beslissen of ze prioriteit willen geven aan de ontwikkeling van MaaS-oplossingen en of ze bereid zijn om de voorgestelde financiële middelen hiervoor te reserveren. Ze moeten ook overwegen hoe deze initiatieven passen binnen bredere provinciale mobiliteits- en duurzaamheidsdoelen.
SMART en Inconsistenties:
Het voorstel is gedeeltelijk SMART. Het is specifiek en tijdgebonden (met een rapportage in Q1 2026), maar mist meetbare doelen en specifieke acties voor implementatie. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de details over de uitvoering zijn beperkt.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Staten moeten besluiten of ze het college verzoeken om de motie uit te voeren, inclusief de financiële reservering en de samenwerking met gemeenten.
Participatie:
De motie benadrukt de noodzaak van samenwerking met gemeenten, maar er is weinig informatie over bredere participatie van inwoners of andere belanghebbenden.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid is impliciet relevant, aangezien de motie gericht is op het verminderen van autogebruik en het verbeteren van openbaar vervoer, wat kan bijdragen aan milieudoelstellingen.
Financiële Gevolgen:
De motie vraagt om een reservering van €500.000 uit het ongeoormerkte deel van de brede bestemmingsreserve. Het geeft aan dat deze middelen nodig zijn voor de implementatie van de MaaS-oplossingen, maar verdere details over de dekking of specifieke kosten zijn niet gespecificeerd.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel: Netcongestie met oog voor burgers en maatschappelijke voorzieningen
Samenvatting: De motie richt zich op het probleem van netcongestie in Flevoland, dat leidt tot vertragingen in woningbouwprojecten en maatschappelijke voorzieningen zoals scholen en zorginstellingen. Burgers ondervinden ook beperkingen bij het terugleveren van stroom. De motie verzoekt het college om een prioriteringsbeleid te ontwikkelen dat maatschappelijke functies en betaalbare woningbouw voorrang geeft in de netcapaciteit. Het college wordt gevraagd om dit onderwerp actief te agenderen bij netbeheerders, gemeenten, het Rijk en binnen de RES-regio’s. De motie benadrukt het belang van een sociaal rechtvaardige energietransitie zonder uitsluiting of ongelijke toegang tot basisvoorzieningen.
Volledigheid van het Voorstel
De motie is redelijk volledig in het adresseren van het probleem van netcongestie en de gevolgen daarvan voor maatschappelijke voorzieningen en burgers. Het biedt een duidelijke richting voor actie en betrokkenheid van verschillende stakeholders.
Rol van de Provinciale Staten
De Provinciale Staten spelen een toezichthoudende en sturende rol door het college te verzoeken om actie te ondernemen en jaarlijks te rapporteren over de voortgang en resultaten van de netcapaciteitsplanning.
Politieke Keuzes
De politieke keuzes betreffen de prioritering van netcapaciteit voor maatschappelijke voorzieningen en woningbouw, en de bescherming van huishoudens tegen ongelijkheid in aansluiting en teruglevering. Er moet ook worden besloten hoe actief de provincie zich wil inzetten in regionale en landelijke overleggen.
SMART en Inconsistenties
De motie is gedeeltelijk SMART: het is specifiek en relevant, maar mist concrete meetbare doelen en tijdsgebonden elementen, behalve de jaarlijkse rapportage. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de haalbaarheid van de voorgestelde acties hangt af van de medewerking van externe partijen zoals netbeheerders en het Rijk.
Besluit van de Provinciale Staten
De Provinciale Staten moeten besluiten of ze het college willen verzoeken om de voorgestelde acties te ondernemen en of ze akkoord gaan met de jaarlijkse rapportageverplichting.
Participatie
De motie impliceert participatie door het betrekken van netbeheerders, gemeenten, en andere stakeholders in de besluitvorming en planning van netcapaciteit.
Duurzaamheid
Duurzaamheid is een relevant onderwerp, aangezien de motie zich richt op de energietransitie en de eerlijke verdeling van netcapaciteit, wat essentieel is voor een duurzame toekomst.
Financiële Gevolgen
De motie specificeert geen directe financiële gevolgen of dekkingsvoorstellen. De financiële impact hangt af van de implementatie van het prioriteringsbeleid en de betrokkenheid van verschillende stakeholders.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel en Samenvatting:
De motie heeft als titel "Eerlijke energietransitie en versterking van energieweerbaarheid". Het doel van de motie is om de energietransitie eerlijker te maken door ervoor te zorgen dat ook huurders, mensen met lage inkomens en bewoners van slecht geïsoleerde woningen profiteren van verduurzamingssubsidies. De motie verzoekt het college om minimaal 25% van het provinciale klimaatbudget te reserveren voor deze groepen en om samen met gemeenten, woningcorporaties en maatschappelijke organisaties een aanpak te ontwikkelen voor energieweerbaarheid. Daarnaast vraagt de motie om jaarlijkse rapportage aan de Provinciale Staten over de voortgang en effectiviteit van deze maatregelen.
Oordeel over de volledigheid:
De motie is redelijk volledig in het adresseren van de problematiek en het voorstellen van concrete maatregelen. Het bevat duidelijke verzoeken aan het college en geeft aan welke groepen specifiek aandacht behoeven. Echter, de motie zou baat kunnen hebben bij meer gedetailleerde informatie over de implementatie en monitoring van de voorgestelde maatregelen.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten hebben de rol om de motie te beoordelen, erover te stemmen en het college te controleren op de uitvoering van de voorgestelde maatregelen. Ze moeten ook toezien op de jaarlijkse rapportage over de voortgang.
Politieke keuzes:
De politieke keuzes betreffen de verdeling van het klimaatbudget en de prioritering van sociale rechtvaardigheid binnen de energietransitie. Er moet worden besloten of en hoe middelen specifiek worden toegewezen aan kwetsbare groepen.
SMART en Inconsistenties:
De motie is deels SMART (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, Tijdgebonden). Het is specifiek en meetbaar in termen van het percentage van het budget dat moet worden gereserveerd. Echter, de tijdsgebonden aspecten en de specifieke criteria voor succes zijn minder duidelijk. Er zijn geen directe inconsistenties, maar de motie kan concreter zijn over de tijdslijnen en evaluatiecriteria.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten moeten besluiten of ze de motie aannemen of verwerpen. Dit besluit zal bepalen of het college de voorgestelde maatregelen moet uitvoeren.
Participatie:
De motie benadrukt participatie door samenwerking met gemeenten, woningcorporaties en maatschappelijke organisaties. Dit suggereert een inclusieve benadering waarbij verschillende stakeholders betrokken worden bij de uitvoering.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid is een centraal thema in de motie, aangezien het gaat om energiebesparing en het verminderen van energiearmoede, wat bijdraagt aan klimaatdoelen.
Financiële gevolgen:
De motie vraagt om minimaal 25% van het provinciale klimaatbudget te reserveren voor specifieke maatregelen. Er wordt echter niet gedetailleerd aangegeven hoe deze middelen precies gedekt worden binnen het bestaande budget of welke herprioriteringen nodig zijn. Dit kan een punt van discussie zijn bij de besluitvorming.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Samenvatting: De motie stelt voor om het bedrag van €400.000, oorspronkelijk bestemd voor het bestrijden van energiearmoede, te behouden en niet over te hevelen naar het nieuwe oormerk 'Thuisbatterij'. Het voorstel benadrukt dat thuisbatterijen financieel onhaalbaar zijn voor veel Flevolandse huishoudens, vooral huurders en mensen met lage inkomens. De motie pleit ervoor om de middelen te gebruiken voor isolatiemaatregelen, energiecoaches en lokale steunprogramma's gericht op lage inkomens, binnen de Sociale Agenda Flevoland. Dit moet helpen om sociale ongelijkheid in de energietransitie te verminderen en bestaanszekerheid te bevorderen.
Volledigheid van het Voorstel
Het voorstel is redelijk volledig. Het bevat een duidelijke constatering van het probleem, een overweging van de gevolgen en een verzoek aan het college. Echter, het zou baat hebben bij meer gedetailleerde informatie over hoe de voorgestelde maatregelen precies uitgevoerd zullen worden.
Rol van de Provinciale Staten
De Provinciale Staten moeten beslissen of ze de motie aannemen en daarmee het college verzoeken om de middelen voor energiearmoede te behouden en in te zetten volgens de voorgestelde richtlijnen.
Politieke Keuzes
De Staten moeten kiezen tussen het ondersteunen van een sociaal gerichte aanpak van energiearmoede of het investeren in technologische oplossingen zoals thuisbatterijen, die mogelijk minder toegankelijk zijn voor kwetsbare groepen.
SMART-Analyse en Inconsistenties
Het voorstel is specifiek en relevant, maar mist meetbare doelen en een tijdsgebonden kader. Er zijn geen duidelijke inconsequenties, maar de haalbaarheid en uitvoerbaarheid van de voorgestelde maatregelen zijn niet volledig uitgewerkt.
Besluit van de Provinciale Staten
De Staten moeten besluiten of ze de motie aannemen en daarmee het college verzoeken om de middelen voor energiearmoede te behouden en in te zetten zoals voorgesteld.
Participatie
Het voorstel benadrukt de noodzaak van participatie door kwetsbare groepen, maar specificeert niet hoe deze participatie vorm zal krijgen.
Duurzaamheid
Duurzaamheid is een relevant onderwerp, aangezien het voorstel zich richt op het verlagen van energiekosten en het bevorderen van energie-efficiëntie, wat bijdraagt aan een duurzamere samenleving.
Financiële Gevolgen
De financiële gevolgen zijn beperkt tot het behouden van de bestaande €400.000 voor energiearmoede. Er wordt niet specifiek aangegeven hoe deze middelen verder gedekt worden, maar het impliceert dat de middelen al beschikbaar zijn binnen de huidige begroting.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Analyse van de Motie: Behoud en versterking van openbaar vervoer in landelijk gebied
Titel en Samenvatting:
De motie draagt de titel "Behoud en versterking van openbaar vervoer in landelijk gebied". Het richt zich op het behoud en de verbetering van het openbaar vervoer in dorpen en kleinere kernen binnen Flevoland. De motie constateert dat het openbaar vervoer in deze gebieden onder druk staat, wat kan leiden tot sociale isolatie en ongelijke ontwikkeling. Het verzoekt het college om in de begroting en het mobiliteitsbeleid ruimte te reserveren voor het OV-aanbod en om in overleg met betrokken partijen maatwerkoplossingen te ontwikkelen.
Oordeel over de volledigheid:
De motie is redelijk volledig in het adresseren van de problematiek en het voorstellen van oplossingsrichtingen. Het benoemt de noodzaak van overleg met vervoerders, gemeenten en bewoners, en vraagt om concrete maatregelen en financiering.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten hebben de rol om de motie te beoordelen en te besluiten of zij het college de opdracht geven om de voorgestelde maatregelen uit te werken en te implementeren.
Politieke keuzes:
De Staten moeten kiezen of zij prioriteit willen geven aan het behoud en de versterking van het openbaar vervoer in landelijke gebieden, wat mogelijk ten koste kan gaan van andere budgettaire prioriteiten.
SMART en Inconsistenties:
De motie is deels SMART: het is specifiek en tijdgebonden (uiterlijk bij de Voorjaarsnota 2026), maar mist meetbare doelen en concrete acties. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de haalbaarheid van de voorgestelde maatregelen hangt af van de beschikbare middelen en samenwerking met betrokken partijen.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Staten moeten besluiten of zij de motie aannemen en het college de opdracht geven om de voorgestelde maatregelen uit te werken en te implementeren.
Participatie:
De motie benadrukt het belang van participatie door te verzoeken om overleg met vervoerders, gemeenten en bewoners voor het ontwikkelen van maatwerkoplossingen.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid is niet expliciet genoemd, maar het verbeteren van openbaar vervoer kan bijdragen aan duurzame mobiliteit door het verminderen van autogebruik en CO2-uitstoot.
Financiële gevolgen:
De motie vraagt om expliciete ruimte in de begroting voor het OV-aanbod, maar geeft geen gedetailleerde financiële gevolgen of dekking aan. Het college wordt verzocht om bij de Voorjaarsnota 2026 te informeren over de financiering van de maatregelen.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel van de motie: Digitalisering met oog voor inclusie en privacy
Samenvatting: De motie richt zich op de toenemende digitalisering van overheidsdiensten en maatschappelijke processen. Het benadrukt dat niet alle inwoners en bedrijven voldoende digitale vaardigheden of toegang tot digitale middelen hebben. De motie vraagt het college om bij digitaliseringsprojecten expliciet aandacht te besteden aan digitale toegankelijkheid en privacybescherming. Daarnaast wordt voorgesteld om samen met gemeenten, maatschappelijke organisaties en MKB-partijen een aanpak te ontwikkelen die uitsluiting voorkomt en ondersteuning biedt aan digitaal minder vaardige inwoners en bedrijven. Jaarlijkse rapportage aan de Provinciale Staten over de voortgang en effecten op kwetsbare groepen wordt ook gevraagd.
Oordeel over de volledigheid
De motie is redelijk volledig in het adresseren van de kernproblemen rondom digitalisering, zoals toegankelijkheid en privacy. Het biedt concrete richtlijnen voor actie en samenwerking met relevante partijen. Echter, specifieke details over de implementatie en financiering ontbreken.
Rol van de Provinciale Staten
De Provinciale Staten hebben de rol om de motie te beoordelen, te debatteren en te stemmen. Ze moeten beslissen of ze het college willen verzoeken om de voorgestelde maatregelen te implementeren.
Politieke keuzes
De Staten moeten kiezen of ze prioriteit willen geven aan digitale inclusie en privacy binnen provinciale digitaliseringsprojecten. Dit kan invloed hebben op budgetten en beleidsprioriteiten.
SMART en Inconsistenties
De motie is gedeeltelijk SMART (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, Tijdgebonden). Het is specifiek en meetbaar door de jaarlijkse rapportage, maar mist concrete tijdlijnen voor de ontwikkeling van beleid en samenwerking. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de haalbaarheid en financiering zijn niet uitgewerkt.
Besluit van de Provinciale Staten
De Provinciale Staten moeten besluiten of ze de motie aannemen en het college verzoeken om de voorgestelde maatregelen uit te voeren.
Participatie
De motie benadrukt participatie door samenwerking met gemeenten, maatschappelijke organisaties en MKB-partijen om digitale uitsluiting tegen te gaan.
Duurzaamheid
Duurzaamheid is niet expliciet genoemd, maar digitale inclusie kan bijdragen aan sociale duurzaamheid door gelijke toegang tot diensten te bevorderen.
Financiële Gevolgen
De motie specificeert geen financiële gevolgen of hoe deze gedekt worden. Dit kan een aandachtspunt zijn voor verdere discussie en besluitvorming.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel en Samenvatting:
De motie draagt de titel "Toegankelijke zorg en ondersteuning in Flevoland". Het richt zich op het verbeteren van de toegankelijkheid van zorg en ondersteuning in Flevoland, met name in kleinere kernen. De motie constateert dat de druk op het sociaal domein toeneemt door personeelstekorten, wachtlijsten en complexere zorgvragen. Het verzoekt het college om samen met gemeenten, zorgaanbieders en welzijnsorganisaties een provinciaal actieprogramma op te zetten. Dit programma moet zich richten op informatievoorziening, preventie, regionale samenwerking en de beschikbaarheid van jeugdzorg, GGZ en ouderenzorg.
Oordeel over de volledigheid:
De motie is redelijk volledig in het adresseren van de problemen en het voorstellen van een actieprogramma. Echter, specifieke details over de uitvoering en financiering ontbreken.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten hebben de rol om de motie te beoordelen en te besluiten of zij het college de opdracht geven om het voorgestelde actieprogramma te ontwikkelen en uit te voeren.
Politieke keuzes:
De Staten moeten beslissen of zij prioriteit willen geven aan de toegankelijkheid van zorg en ondersteuning en of zij de voorgestelde samenwerking met gemeenten en zorgpartners willen ondersteunen.
SMART en Inconsistenties:
De motie is niet volledig SMART (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, Tijdgebonden). Hoewel er een voortgangsrapportage in 2026 wordt genoemd, ontbreken specifieke meetbare doelen en tijdlijnen voor de uitvoering van het actieprogramma.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Staten moeten besluiten of zij de motie aannemen en het college verzoeken het actieprogramma op te stellen en uit te voeren.
Participatie:
De motie benadrukt samenwerking met gemeenten en zorgpartners, maar er is weinig detail over directe participatie van inwoners in het proces.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid is niet expliciet genoemd, maar de motie impliceert een duurzame aanpak door te streven naar structurele verbeteringen in de zorgtoegankelijkheid.
Financiële gevolgen:
De motie vermeldt geen specifieke financiële gevolgen of hoe deze gedekt worden. Dit is een belangrijk aspect dat verder uitgewerkt moet worden om de haalbaarheid van het actieprogramma te beoordelen.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel en Samenvatting:
De motie draagt de titel "Burgerparticipatie in Flevolandse Woningbouw". Het richt zich op het verbeteren van burgerparticipatie bij het opstellen van het provinciaal volkshuisvestingsprogramma in Flevoland. Gezien het tekort aan betaalbare woningen en de nieuwe bevoegdheden van de provincie onder de Wet Regie op Volkshuisvesting, benadrukt de motie het belang van het betrekken van inwoners en stakeholders. Het college wordt verzocht om een plan op te stellen voor participatie, rekening houdend met de rol van gemeenten, en de resultaten voor te leggen aan de Provinciale Staten met passende financiële dekking.
Volledigheid van het Voorstel:
Het voorstel is redelijk volledig, aangezien het de noodzaak van participatie erkent en concrete stappen voorstelt om dit te realiseren. Echter, specifieke details over de methoden van participatie en de verwachte resultaten ontbreken.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten moeten het voorstel beoordelen en goedkeuren. Ze spelen een toezichthoudende rol door te zorgen dat het college de participatieplannen uitvoert en de resultaten presenteert.
Politieke Keuzes:
De Staten moeten beslissen over de mate van burgerparticipatie en de middelen die hiervoor worden ingezet. Ze moeten ook bepalen hoe ze de balans tussen provinciale en gemeentelijke rollen willen vormgeven.
SMART en Inconsistenties:
Het voorstel is niet volledig SMART (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, Tijdgebonden) omdat het geen specifieke tijdlijnen of meetbare doelen bevat. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de specificiteit kan verbeterd worden.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Staten moeten besluiten of ze het college de opdracht geven om het participatieplan op te stellen en te presenteren, inclusief de financiële dekking.
Participatie:
Het voorstel benadrukt het belang van burgerparticipatie en vraagt om een plan om inwoners en stakeholders te betrekken bij het volkshuisvestingsprogramma.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid wordt niet expliciet genoemd, maar kan impliciet relevant zijn gezien de impact van woningbouw op de leefomgeving.
Financiële Gevolgen:
De motie vraagt om passende financiële dekking, maar specificeert niet de kosten of hoe deze gedekt worden. Dit moet verder worden uitgewerkt in de programmabegroting.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Analyse van de Motie: Toekomstige financiële armslag
Titel en Samenvatting:
De motie draagt de titel "Toekomstige financiële armslag" en richt zich op het versterken van de financiële flexibiliteit van de provincie Flevoland. Gezien de financiële onzekerheden en een negatieve begrotingsruimte in de Perspectiefnota 2026-2029, stelt de motie voor om de jaarlijkse reservering voor de BBR gedeeltelijk vrij te laten vallen en de provinciale reserves te actualiseren. Dit moet de meerjarige begrotingsruimte vergroten, zodat de provincie beter kan inspelen op toekomstige uitdagingen. Het college wordt verzocht om concrete voorstellen te doen en hierover te rapporteren aan de Provinciale Staten voorafgaand aan de Programmabegroting 2026.
Oordeel over de volledigheid:
De motie is redelijk volledig in het adresseren van de financiële uitdagingen en biedt concrete stappen voor het vergroten van de financiële armslag. Echter, details over de exacte financiële implicaties en de specifieke risico's en prioriteiten die moeten worden aangepakt, ontbreken.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten hebben de rol om de motie te beoordelen, goed te keuren of af te wijzen. Ze moeten ook toezicht houden op de uitvoering van de voorstellen door het college en de rapportage hierover.
Politieke keuzes:
De Staten moeten beslissen of ze akkoord gaan met het vrijvallen van de reservering voor de BBR en de actualisatie van de reserves. Dit vereist een afweging tussen financiële flexibiliteit en het behoud van financiële buffers.
SMART en Inconsistenties:
De motie is specifiek en tijdgebonden, aangezien het concrete voorstellen en rapportage voor de Programmabegroting 2026 vereist. Het is echter minder meetbaar en realistisch zonder gedetailleerde financiële analyses en risico-inschattingen.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Staten moeten besluiten of ze de motie aannemen of verwerpen. Dit besluit zal bepalen of het college de voorgestelde acties moet uitvoeren.
Participatie:
De motie vermeldt geen specifieke participatie van burgers of andere belanghebbenden in het proces.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid wordt niet expliciet genoemd als onderwerp in de motie, maar kan impliciet relevant zijn bij het bepalen van beleidsprioriteiten.
Financiële gevolgen:
De motie heeft financiële gevolgen door het vrijvallen van reserveringen en het herzien van reserves. Er wordt echter niet specifiek aangegeven hoe deze veranderingen gedekt worden of welke financiële ruimte exact ontstaat. Dit moet verder worden uitgewerkt in de voorstellen van het college.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel en Samenvatting:
De motie is getiteld "Passende MaaS-oplossingen per gemeente" en richt zich op het ontwikkelen en implementeren van op maat gemaakte Mobility as a Service (MaaS) oplossingen voor verschillende gemeenten in de provincie Flevoland. De motie erkent de diverse ruimtelijke structuren en mobiliteitsbehoeften van gemeenten zoals Zeewolde, Dronten, Noordoostpolder en Urk. Het doel is om de bekendheid en het gebruik van bestaande MaaS-initiatieven te vergroten en om pilots te evalueren en vast te implementeren. De motie vraagt om samenwerking met gemeenten en om rapportage aan de Provinciale Staten over de voortgang en eventuele financiële behoeften.
Volledigheid van het Voorstel:
Het voorstel is redelijk volledig, aangezien het zowel de huidige situatie als de gewenste acties en doelen beschrijft. Het bevat echter geen gedetailleerde financiële analyse of specifieke tijdlijnen voor de implementatie van de MaaS-oplossingen.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten hebben de rol om het voorstel te beoordelen, goed te keuren en toezicht te houden op de voortgang en implementatie. Ze moeten ook beslissen over eventuele extra financiële bijdragen als het begrote budget niet toereikend blijkt.
Politieke Keuzes:
De politieke keuzes omvatten het al dan niet ondersteunen van de motie, het prioriteren van mobiliteitsoplossingen per gemeente, en het beslissen over extra financiële middelen indien nodig.
SMART en Inconsistenties:
Het voorstel is gedeeltelijk SMART (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, Tijdgebonden). Het is specifiek en tijdgebonden (rapportage in Q1 2026), maar mist meetbare doelen en een gedetailleerd plan voor realisatie. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de financiële dekking is niet volledig uitgewerkt.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten moeten beslissen of ze de motie aannemen en of ze bereid zijn extra financiële middelen beschikbaar te stellen indien nodig.
Participatie:
Het voorstel benadrukt samenwerking met gemeenten, maar er is geen specifieke vermelding van participatie van inwoners of andere belanghebbenden in het proces.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid is een relevant onderwerp, aangezien goed functionerende mobiliteitsoplossingen kunnen bijdragen aan een vermindering van autogebruik en daarmee aan een duurzamere leefomgeving.
Financiële Gevolgen:
De motie erkent dat er mogelijk extra financiële middelen nodig zijn als het huidige budget niet toereikend is. Er wordt voorgesteld om in dat geval een extra financiële bijdrage te vragen bij de begroting van 2026, maar er is geen gedetailleerde financiële analyse opgenomen.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel en Samenvatting:
De titel van de motie is "Innovatiefonds circulaire economie". De motie stelt voor om een revolverend innovatiefonds op te richten dat bedrijven in Flevoland ondersteunt bij het ontwikkelen van circulaire productieprocessen en producten. Dit fonds moet bedrijven helpen bij het onderzoek naar en de ontwikkeling van gerecyclede producten of het verbeteren van de recyclebaarheid van hun producten. Het voorstel moet worden uitgewerkt en samen met de begroting voor 2026 aan de Provinciale Staten worden voorgelegd.
Oordeel over de volledigheid:
De motie is redelijk volledig in het schetsen van de noodzaak en de voordelen van een circulaire economie. Echter, details over de omvang van het fonds, de criteria voor toekenning en de specifieke doelen ontbreken.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten moeten de motie beoordelen en besluiten of zij het college de opdracht geven om het voorstel voor het innovatiefonds uit te werken en op te nemen in de begroting van 2026.
Politieke keuzes:
De Staten moeten beslissen of zij prioriteit willen geven aan de circulaire economie en of zij bereid zijn financiële middelen vrij te maken voor het innovatiefonds. Ze moeten ook overwegen hoe dit fonds past binnen bredere economische en milieudoelstellingen.
SMART en Inconsistenties:
De motie is niet volledig SMART (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, Tijdgebonden) geformuleerd. Het mist specifieke doelen, meetbare resultaten en een tijdlijn voor de implementatie van het fonds. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de uitwerking van het voorstel moet deze aspecten adresseren.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Staten moeten beslissen of zij het college verzoeken om het voorstel voor het innovatiefonds uit te werken en dit in de begroting van 2026 op te nemen.
Participatie:
De motie vermeldt geen specifieke participatie van burgers of bedrijven in de ontwikkeling van het fonds, maar impliceert wel dat bedrijven betrokken zullen zijn bij de uitvoering.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid is een centraal thema in de motie, aangezien het fonds gericht is op het bevorderen van een circulaire economie, wat bijdraagt aan milieuduurzaamheid.
Financiële gevolgen:
De motie geeft geen specifieke financiële details over de omvang van het fonds of hoe het gefinancierd zal worden. Dit moet worden uitgewerkt in het voorstel dat aan de begroting van 2026 wordt toegevoegd.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel en Samenvatting:
De motie heeft als titel "Actualisering financieel perspectief" en is ingediend tijdens de vergadering van de Provinciale Staten van Flevoland op 18 juni 2025. De motie verzoekt het college om een impactanalyse uit te voeren van belangrijke en urgente ontwikkelingen die de financiële positie van de provincie kunnen beïnvloeden, zoals een verlaging van de uitkering uit het Provinciefonds. Op basis van deze analyse moet een handelingsperspectief worden gepresenteerd aan de Provinciale Staten, met mogelijkheden voor het herprioriteren van beleid en middelen.
Volledigheid van het Voorstel:
De motie is redelijk volledig in de zin dat het duidelijk aangeeft welke stappen het college moet ondernemen. Het vraagt om een impactanalyse en een daarop gebaseerd handelingsperspectief. Echter, specifieke details over de methodologie van de impactanalyse of de tijdslijnen worden niet genoemd.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten hebben de rol om de motie te beoordelen en te besluiten of zij het college de opdracht geven om de gevraagde impactanalyse uit te voeren. Zij moeten ook het handelingsperspectief beoordelen dat voortkomt uit de analyse.
Politieke Keuzes:
De politieke keuzes betreffen het al dan niet ondersteunen van de motie, wat impliceert dat men het eens is met de noodzaak van een herziening van het financieel perspectief en mogelijk herprioritering van beleid en middelen.
SMART en Inconsistenties:
De motie is niet volledig SMART (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, Tijdgebonden) omdat er geen specifieke tijdslijnen of meetbare doelen worden genoemd. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de motie zou baat hebben bij meer specificiteit.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten moeten besluiten of zij de motie aannemen en het college de opdracht geven om de impactanalyse uit te voeren en een handelingsperspectief te presenteren.
Participatie:
De motie zegt niets expliciet over participatie van burgers of andere stakeholders in het proces van de impactanalyse of het opstellen van het handelingsperspectief.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid wordt niet expliciet genoemd in de motie, maar kan een impliciet onderdeel zijn van de beleidsprioriteiten die mogelijk herzien moeten worden.
Financiële Gevolgen:
De motie zelf heeft geen directe financiële gevolgen, maar het resultaat van de impactanalyse kan leiden tot herprioritering van middelen. Er wordt niet aangegeven hoe eventuele financiële gevolgen gedekt worden, wat een aandachtspunt kan zijn voor de Provinciale Staten.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Samenvatting: De motie betreft het initiëren van een nieuw Regioplan Laaggeletterdheid voor de periode 2026-2030 in Flevoland. Het doel is om laaggeletterdheid aan te pakken, wat een belemmering vormt voor deelname aan onderwijs, werk en samenleving. Het plan bouwt voort op de positieve resultaten van het vorige Regioplan 2021-2024 en sluit aan bij de Flevolandse Sociale Agenda. Het initiatief vraagt om samenwerking met regionale partners en het gebruik van inzichten uit de evaluatie van het vorige plan om de arbeidsmarktkansen en de economische slagkracht van de regio te verbeteren.
Oordeel over de volledigheid
Het voorstel is redelijk volledig. Het benoemt de noodzaak, de positieve resultaten uit het verleden, en de aansluiting bij bredere regionale doelen. Echter, specifieke details over de uitvoering en meetbare doelen ontbreken.
Rol van de Provinciale Staten
De Provinciale Staten moeten de motie beoordelen en besluiten of zij het college verzoeken om het nieuwe Regioplan te initiëren. Zij spelen een beslissende rol in het al dan niet voortzetten van de inspanningen tegen laaggeletterdheid.
Politieke keuzes
De Staten moeten kiezen of zij prioriteit geven aan de voortzetting van het Regioplan en of zij de voorgestelde samenwerkingsaanpak ondersteunen. Dit kan invloed hebben op budgettaire beslissingen en beleidsprioriteiten.
SMART en Inconsistenties
Het voorstel is niet volledig SMART (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, Tijdgebonden). Het mist specifieke en meetbare doelen en tijdlijnen voor de uitvoering. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de details over hoe de evaluatie van het vorige plan wordt geïntegreerd, zijn beperkt.
Besluit van de Provinciale Staten
De Staten moeten besluiten of zij het college verzoeken om het Regioplan 2026-2030 te initiëren, zoals voorgesteld in de motie.
Participatie
Het voorstel benadrukt samenwerking met regionale partners, wat wijst op een participatieve aanpak. Echter, specifieke details over hoe participatie wordt vormgegeven, ontbreken.
Duurzaamheid
Duurzaamheid wordt niet expliciet genoemd, maar het verbeteren van basisvaardigheden kan bijdragen aan sociale duurzaamheid door de economische en maatschappelijke participatie te vergroten.
Financiële gevolgen
De motie vermeldt geen specifieke financiële gevolgen of hoe deze gedekt worden. Dit is een belangrijk aspect dat verder moet worden uitgewerkt om de haalbaarheid van het plan te beoordelen.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel en Samenvatting:
De motie is getiteld "Extra middelen voor de Uitvoeringsaanpak Landelijk Gebied (ULG)." Het voorstel vraagt om een extra bedrag van €4 miljoen voor de uitvoering van de ULG, die de Visie op Landbouw 2050 ondersteunt. De ULG richt zich op integrale aanpak van landbouw, natuur, water, klimaat en leefomgeving. Innovatieve oplossingen vanuit de agrarische sector, zoals die van De Boerderij van de Toekomst, zijn essentieel. De motie stelt voor om deze middelen te dekken uit de brede bestemmingsreserve en vraagt om een nadere onderbouwing en voorstel voor uitvoering voor het einde van 2025.
Volledigheid van het Voorstel:
Het voorstel is redelijk volledig, aangezien het de noodzaak van extra middelen onderbouwt en een duidelijke financiële dekking aangeeft. Echter, het mist specifieke details over de exacte besteding van de middelen en de verwachte resultaten.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten moeten de motie goedkeuren en toezicht houden op de uitvoering ervan. Ze moeten ook worden geïnformeerd over de voortgang en de besteding van de middelen.
Politieke Keuzes:
De Staten moeten beslissen of ze de voorgestelde extra financiering willen goedkeuren en of ze het eens zijn met het gebruik van de brede bestemmingsreserve voor dit doel. Ze moeten ook overwegen hoe deze investering past binnen bredere provinciale prioriteiten.
SMART en Inconsistenties:
Het voorstel is gedeeltelijk SMART (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, Tijdgebonden). Het is specifiek en tijdgebonden, maar mist meetbare doelen en een gedetailleerd plan voor de uitvoering. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de specificiteit kan worden verbeterd.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten moeten beslissen of ze de motie aannemen en de voorgestelde financiering goedkeuren.
Participatie:
Het voorstel vermeldt geen specifieke participatie van belanghebbenden, hoewel de integrale aanpak van de ULG impliceert dat samenwerking met verschillende partijen belangrijk is.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid is een relevant onderwerp, aangezien de motie zich richt op een toekomstgericht, duurzaam en veerkrachtig landelijk gebied.
Financiële Gevolgen:
De financiële gevolgen zijn een extra uitgave van €4 miljoen, gedekt uit het ongeoormerkte deel van de brede bestemmingsreserve. Het voorstel geeft aan dat er een nadere onderbouwing en voorstel voor uitvoering zal volgen.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Samenvatting: De motie verzoekt het college van de Provinciale Staten van Flevoland om in alle stukken van de Planning & Control (P&C) cyclus een paragraaf over dierenwelzijn op te nemen. Dit moet beschrijven welke stappen worden gezet of zijn gezet om het leven van dieren in de Flevolandse natuur en bio-industrie te verbeteren. De motie is ingediend door K. van Wijlandt van de Partij voor de Dieren (PvdD) en is gericht op het verbeteren van de aandacht voor dierenwelzijn in beleidsstukken, aangezien het huidige beleid voornamelijk op mensen is gericht.
Oordeel over de volledigheid van het voorstel
De motie is specifiek en duidelijk in haar verzoek om een paragraaf over dierenwelzijn toe te voegen aan de P&C-cyclus. Echter, het biedt geen gedetailleerde richtlijnen over hoe deze paragraaf moet worden ingevuld of welke specifieke maatregelen moeten worden overwogen.
Rol van de Provinciale Staten
De Provinciale Staten hebben de rol om de motie te bespreken, te stemmen en eventueel aan te nemen. Ze moeten beoordelen of het voorstel aansluit bij hun beleidsdoelen en prioriteiten.
Politieke keuzes
De Staten moeten beslissen of dierenwelzijn een prioriteit is die expliciet moet worden opgenomen in beleidsstukken. Dit kan invloed hebben op de prioritering van middelen en aandacht binnen de provincie.
SMART en Inconsistenties
De motie is specifiek en meetbaar in de zin dat het vraagt om een concrete toevoeging aan beleidsstukken. Het is echter niet volledig SMART omdat het geen specifieke doelen of tijdlijnen voor verbetering van dierenwelzijn bevat. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de uitvoering kan variëren afhankelijk van interpretatie.
Besluit van de Provinciale Staten
De Provinciale Staten moeten besluiten of ze de motie aannemen en daarmee het college opdragen om de gevraagde paragraaf in toekomstige P&C-stukken op te nemen.
Participatie
De motie zelf zegt niets over participatie van burgers of belanghebbenden in het proces van het verbeteren van dierenwelzijn.
Duurzaamheid
Dierenwelzijn kan worden gezien als onderdeel van bredere duurzaamheidsdoelen, hoewel de motie dit niet expliciet adresseert.
Financiële gevolgen
De motie specificeert geen directe financiële gevolgen of hoe deze gedekt zouden moeten worden. Het opnemen van een paragraaf over dierenwelzijn kan echter implicaties hebben voor beleidsprioriteiten en budgettoewijzing.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel en Samenvatting:
De motie draagt de titel "Clusterontwikkeling duurzame luchtvaart" en richt zich op het stimuleren van een duurzaam luchtvaartcluster bij Lelystad Airport. De motie constateert dat Flevoland economische ontwikkelingen zoekt die aansluiten bij de verduurzaming van mobiliteit en dat Lelystad Airport potentieel biedt voor innovaties in duurzaam vliegen. Het benadrukt de snelle ontwikkeling van elektrisch en waterstofgedreven luchtvaart en de kansen voor innovatieve partijen. De motie verzoekt het college om een voorstel uit te werken voor het aanjagen en ondersteunen van dit cluster en hiervoor maximaal €500.000 te reserveren.
Oordeel over de volledigheid:
De motie is redelijk volledig in het schetsen van de context en de gewenste actie. Het biedt een duidelijke richting en financiële dekking voor de ontwikkeling van het cluster. Echter, details over de specifieke stappen en betrokken partijen ontbreken.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten moeten de motie beoordelen en besluiten of zij het college de opdracht geven om het voorstel uit te werken. Zij spelen een cruciale rol in het goedkeuren van de financiële middelen en het uiteindelijke besluitvormingsproces.
Politieke keuzes:
De Staten moeten beslissen of zij prioriteit willen geven aan de ontwikkeling van een duurzaam luchtvaartcluster en of zij bereid zijn de voorgestelde financiële middelen hiervoor in te zetten. Dit kan invloed hebben op andere provinciale projecten en prioriteiten.
SMART en Inconsistenties:
De motie is deels SMART: het is specifiek, meetbaar (met een deadline en budget), en tijdgebonden. Echter, het mist concrete acties en resultaten, waardoor het minder haalbaar en relevant kan zijn. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de haalbaarheid hangt af van de uitwerking van het voorstel.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Staten moeten besluiten of zij de motie aannemen en het college de opdracht geven om het voorstel uit te werken en de financiële middelen te reserveren.
Participatie:
De motie benadrukt samenwerking tussen bedrijfsleven, kennisinstellingen en overheid, maar geeft geen specifieke details over hoe participatie van deze partijen wordt vormgegeven.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid is een centraal thema in de motie, gezien de focus op duurzame luchtvaart en schone mobiliteit.
Financiële gevolgen:
De motie vraagt om een reservering van maximaal €500.000 uit de Brede Bestemmingsreserve. Het geeft aan dat dit bedrag wordt gedekt door het oormerk "Financiële ruimte initiatieven PS". Verdere financiële implicaties zijn afhankelijk van de uitwerking van het voorstel.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel en Samenvatting:
De motie heeft als titel "Herijking Woonagenda en onderzoek dubbel ruimtegebruik". Het doel van de motie is om de woonagenda van de provincie Flevoland te herzien met een focus op fijn en betaalbaar wonen. Hierbij wordt voorgesteld om een onderzoek uit te voeren naar dubbel ruimtegebruik, wat kan bijdragen aan het realiseren van voldoende woningen. Er wordt een budget van maximaal € 125.000 voorgesteld, te dekken uit de Brede Bestemmingsreserve.
Oordeel over de volledigheid:
De motie is redelijk volledig in de zin dat het een duidelijke richting geeft voor de herijking van de woonagenda en het onderzoek naar dubbel ruimtegebruik. Echter, details over de uitvoering van het onderzoek en de specifieke doelen van de herijking ontbreken.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten hebben de rol om de motie te bespreken, te amenderen indien nodig, en uiteindelijk te stemmen over de aanneming ervan. Zij moeten ook toezien op de uitvoering door het college.
Politieke keuzes:
De politieke keuzes betreffen de prioritering van woningbouwstrategieën, de toewijzing van financiële middelen, en de keuze om dubbel ruimtegebruik te onderzoeken als oplossing voor woningtekorten.
SMART en Inconsistenties:
De motie is niet volledig SMART (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, Tijdgebonden) omdat het geen specifieke meetbare doelen of tijdslijnen bevat. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de motie zou baat hebben bij meer specificiteit.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten moeten besluiten of zij de motie aannemen en daarmee het college opdragen de woonagenda te herijken en het onderzoek uit te voeren.
Participatie:
De motie zegt niets expliciet over participatie van burgers of andere stakeholders in het proces van herijking of onderzoek.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid wordt niet expliciet genoemd, maar dubbel ruimtegebruik kan impliciet bijdragen aan duurzamere woonoplossingen door efficiënter gebruik van beschikbare ruimte.
Financiële gevolgen:
De financiële gevolgen zijn beperkt tot een budget van maximaal € 125.000 voor het onderzoek, te dekken uit de Brede Bestemmingsreserve. Dit geeft aan dat er een dekking is voor de voorgestelde uitgaven.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel en Samenvatting:
De motie is getiteld "Herstel van erfsingels" en richt zich op het behoud en herstel van erfsingels in Flevoland. Erfsingels zijn van landschappelijk belang en bieden nest- en schuilmogelijkheden voor diverse soorten. De motie constateert dat er een wachtlijst is voor advies door Landschapsbeheer Flevoland vanwege personeelsgebrek en dat het beschikbare bedrag per erfsingel ontoereikend is. Het verzoekt het college om voldoende personele formatie beschikbaar te stellen en de uitvoeringskosten voor herstel te maximeren op 50%, en dit te betrekken bij de Uitvoeringsagenda Landelijk Gebied.
Oordeel over de volledigheid:
De motie is redelijk volledig in het identificeren van het probleem en het voorstellen van oplossingen. Het benoemt de huidige tekortkomingen en biedt concrete stappen om deze aan te pakken.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten moeten de motie bespreken en besluiten of ze deze willen aannemen. Hun rol is om te beoordelen of de voorgestelde maatregelen in lijn zijn met de provinciale doelen en prioriteiten.
Politieke keuzes:
De Staten moeten beslissen of ze extra middelen willen vrijmaken voor personele formatie en of ze akkoord gaan met het verhogen van de financiële tegemoetkoming voor erfsingels. Ze moeten ook overwegen hoe belangrijk het herstel van erfsingels is binnen de bredere context van provinciaal beleid.
SMART en Inconsistenties:
De motie is deels SMART: het is specifiek en tijdgebonden, maar mist meetbare doelen en een duidelijke tijdlijn voor de uitvoering. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de haalbaarheid van de personele uitbreiding en budgetverhoging kan een punt van discussie zijn.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Staten moeten besluiten of ze de motie aannemen en daarmee de voorgestelde maatregelen ondersteunen.
Participatie:
De motie vermeldt geen specifieke participatie van burgers of andere belanghebbenden, maar impliceert betrokkenheid van Landschapsbeheer Flevoland.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid is een relevant onderwerp, aangezien het herstel van erfsingels bijdraagt aan biodiversiteit en ecologische doelen.
Financiële gevolgen:
De motie vraagt om extra personele formatie en een verhoging van de financiële tegemoetkoming, maar specificeert niet hoe deze kosten gedekt worden. Dit kan een aandachtspunt zijn voor de Provinciale Staten bij de besluitvorming.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel van de motie: Innovatiefonds circulaire economie
Samenvatting: De motie stelt voor om een revolverend innovatiefonds op te richten dat bedrijven in Flevoland ondersteunt bij het onderzoek naar en de ontwikkeling van circulaire producten. Het fonds moet bedrijven helpen om producten te verkrijgen die gerecycled zijn of om hun eigen producten beter recyclebaar te maken. Het voorstel vraagt om jaarlijks maximaal € 1 miljoen te reserveren vanaf 2026, te dekken uit de brede bestemmingsreserve. Het uitgewerkte voorstel moet gelijktijdig met de begroting van 2026 aan de Provinciale Staten worden voorgelegd en daarin worden verwerkt.
Oordeel over de volledigheid
De motie is redelijk volledig in de zin dat het een duidelijke doelstelling en financiële dekking biedt. Echter, details over de uitvoering en specifieke criteria voor het fonds ontbreken, wat verdere uitwerking vereist.
Rol van de Provinciale Staten
De Provinciale Staten moeten de motie goedkeuren en toezicht houden op de uitvoering ervan. Ze spelen een rol in het beoordelen van het uiteindelijke voorstel en de integratie ervan in de begroting van 2026.
Politieke keuzes
De Staten moeten beslissen of ze prioriteit willen geven aan de circulaire economie en of ze bereid zijn om financiële middelen uit de brede bestemmingsreserve hiervoor in te zetten. Ze moeten ook overwegen hoe dit voorstel zich verhoudt tot andere beleidsdoelen.
SMART en Inconsistenties
De motie is specifiek en meetbaar in termen van het financiële bedrag en de tijdlijn. Echter, het is niet volledig SMART omdat specifieke criteria voor succes en evaluatie ontbreken. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de uitvoerbaarheid hangt af van verdere uitwerking.
Besluit van de Provinciale Staten
De Provinciale Staten moeten besluiten of ze de motie aannemen en het college opdracht geven om het voorstel verder uit te werken en op te nemen in de begroting van 2026.
Participatie
De motie vermeldt geen specifieke participatie van stakeholders, maar impliceert betrokkenheid van bedrijven in Flevoland bij de uitvoering van het fonds.
Duurzaamheid
Duurzaamheid is een centraal thema in de motie, aangezien het gericht is op het bevorderen van een circulaire economie en het verminderen van de negatieve impact op het milieu.
Financiële gevolgen
De motie vraagt om een jaarlijkse investering van maximaal € 1 miljoen vanaf 2026, te dekken uit de brede bestemmingsreserve. Dit impliceert dat er voldoende middelen beschikbaar zijn, maar het vraagt om een herprioritering van bestaande reserves. Verdere financiële details en risicoanalyses zijn nodig in het uitgewerkte voorstel.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel en Samenvatting:
De motie heeft als onderwerp "Middelen voor innovatie in de landbouw / smartfarming". Het doel is om innovatie en kennisontwikkeling in de landbouw te bevorderen, met een focus op duurzaamheid en smart farming. De motie stelt voor om een bedrag van maximaal € 500.000 beschikbaar te stellen uit de Brede Bestemmingsreserve om innovatieve initiatieven te ondersteunen. Dit moet bijdragen aan een toekomstbestendig verdienmodel voor agrariërs en de ontwikkeling van landbouwtechnologie als exportproduct.
Oordeel over de volledigheid:
De motie is redelijk volledig, maar mist specifieke details over hoe de innovatieprojecten geselecteerd en geëvalueerd zullen worden. Ook ontbreekt een tijdspad voor de implementatie van de initiatieven.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten moeten de motie beoordelen en besluiten of ze het college de opdracht geven om een voorstel uit te werken en financiële middelen beschikbaar te stellen.
Politieke keuzes:
De Staten moeten beslissen of ze prioriteit willen geven aan innovatie in de landbouw en of ze bereid zijn om hiervoor financiële middelen vrij te maken. Ze moeten ook overwegen hoe dit voorstel past binnen bredere provinciale doelen en budgettaire beperkingen.
SMART en Inconsistenties:
De motie is deels SMART: het is specifiek en meetbaar in termen van het bedrag en de bron van financiering. Echter, het mist specifieke tijdsgebonden doelen en criteria voor succes. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de motie kan concreter zijn over de verwachte resultaten.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Staten moeten besluiten of ze de motie aannemen en het college de opdracht geven om een voorstel uit te werken en financiële middelen beschikbaar te stellen.
Participatie:
De motie vermeldt geen specifieke participatie van stakeholders, zoals agrariërs of onderzoeksinstellingen, in het proces van innovatieontwikkeling.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid is een centraal thema in de motie, aangezien het gericht is op het bevorderen van duurzame landbouwpraktijken.
Financiële gevolgen:
De motie vraagt om een bedrag van maximaal € 500.000, te dekken uit het ongeoormerkte deel van de Brede Bestemmingsreserve. Er is geen verdere specificatie over hoe de kosten precies gedekt worden, behalve de bron van de reserve.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.