Let op: AI kan fouten maken. Dit artikel is nog niet gecontroleerd door de griffie.
De Provinciale Staten van Flevoland hebben de perspectiefnota 2025-2028 besproken. Deze nota vormt het kader voor de programmabegroting 2025 en bevat de financiële en beleidsmatige vooruitzichten voor de middellange termijn, met als uitgangspunt het coalitieakkoord 2023-2026. Het doel is het waarborgen van een solide financieel beleid, een sluitende begroting en verantwoorde reserves.
Politiekverslaggever Rijk de Bat
Tijdens het debat zijn diverse thema’s aan de orde gekomen, waaronder energietransitie, woningbouw en de rol van de provincie in zorg en welzijn. Gedeputeerde Harold Hofstra gaf aan dat er scherp op de kosten moet worden gelet in verband met de beperkte begrotingsruimte.
De Partij voor de Dieren heeft aandacht gevraagd voor de impact van windmolens op vogels en pleitte voor een subsidieregeling voor vogelvriendelijke windmolens. Het college ontraadde dit voorstel en gaf aan dat de verantwoordelijkheid hiervoor bij de windmolenexploitanten ligt.
GroenLinks heeft aandacht gevraagd voor de toegankelijkheid van bushaltes en energiearmoede in de provincie. Het college ontraadde ook deze voorstellen, met als argument dat de verantwoordelijkheid hiervoor bij de gemeenten ligt.
JA21 heeft aangegeven een beleidsmatige doorkijk naar de komende jaren te missen en pleitte voor meer scenario’s en prioritering. Het college gaf aan dat de nota reeds verschillende scenario’s bevat.
De VVD vroeg om meer aandacht voor de transitie van de arbeidsmarkt en het versterken van de regionale economie.
De SP benadrukte het belang van de toegankelijkheid en beschikbaarheid van zorg in Flevoland.
Er zijn verschillende moties en amendementen ingediend. Een motie over het gebruik van rode diesel voor bedrijven die door netcongestie op dieselaggregaten moeten draaien, werd aangenomen.
De perspectiefnota is met een meerderheid van stemmen aangenomen. Enkele fracties, waaronder D66, stemden tegen.
Samenvatting van het voorstel
De Provinciale Staten overwegen de perspectiefnota 2025-2028 vast te stellen als kader voor de programmabegroting van 2025. Het doel is om een solide financieel beleid te voeren met een sluitende begroting en verantwoordelijke reserves. Tijdens een eerdere sessie zijn de contouren van de nota besproken en relevante thema's geïdentificeerd. De Staten hebben de bevoegdheid om kaders te stellen voor de programmabegroting, en de uitkomsten van de Algemene Beschouwingen zullen worden verwerkt in de ontwerp-begroting die in november 2024 wordt behandeld.
De perspectiefnota biedt inzicht in de financiële en beleidsmatige vooruitzichten voor de middellange termijn, met focus op het coalitieakkoord 2023-2026. Er zijn transitieopgaven voor Flevoland beschreven, waarbij samenwerking met lokale gemeentes, waterschappen, bedrijven en inwoners centraal staat. De nota bevat ook voorstellen voor de begroting 2025, met aandacht voor nieuwe wettelijke taken en beleidsuitbreidingen.
Het financiële perspectief is positiever dan verwacht, mede door de afschaffing van de opschalingskorting. Er blijft echter een dalende trend in de begrotingsruimte, waardoor niet alle ruimte wordt ingevuld. De Staten moeten rekening houden met mogelijke bijstellingen van het provinciefonds en andere financiële factoren. De perspectiefnota bevat bijlagen met gedetailleerde informatie en technische vragen.
Samenvatting: De Perspectiefnota 2025-2028 biedt een financieel en beleidsmatig kader voor de programmabegroting 2025 en de meerjarenraming tot 2028. Het doel is een solide financieel beleid te voeren met een sluitende begroting en verantwoorde reserves. De nota informeert over relevante ontwikkelingen en transitieopgaven voor Flevoland, met een focus op het coalitieakkoord 2023-2026. Er zijn voorstellen voor nieuwe wettelijke taken en beleidsuitbreidingen, die binnen de begrotingsruimte gedekt kunnen worden. De nota benadrukt de noodzaak van kostenbewaking ondanks een positief financieel perspectief, mede door de afschaffing van de opschalingskorting.
Volledigheid van het Voorstel
Het voorstel is redelijk volledig. Het biedt een gedetailleerd financieel overzicht en beschrijft de beleidsmatige context. Er zijn echter enkele kanttekeningen, zoals de afhankelijkheid van toekomstige bijstellingen van het provinciefonds en de formele goedkeuring van de Voorjaarsnota 2024 door de Tweede Kamer.
Rol van de Provinciale Staten
De Provinciale Staten hebben de bevoegdheid om kaders te stellen voor de programmabegroting. Ze worden geïnformeerd over de financiële en beleidsmatige vooruitzichten en kunnen op basis daarvan tijdens de Algemene Beschouwingen kaders stellen voor de begroting van 2025.
Politieke Keuzes
De Staten moeten keuzes maken over de prioritering van beleidsdoelen en de toewijzing van middelen binnen de beschikbare begrotingsruimte. Dit omvat beslissingen over nieuwe wettelijke taken, beleidsuitbreidingen en de uitvoering van de Strategische Agenda Flevoland.
SMART en Inconsistenties
Het voorstel is gedeeltelijk SMART (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, Tijdgebonden). Het biedt specifieke financiële ramingen en tijdlijnen, maar de afhankelijkheid van externe factoren zoals het provinciefonds en de Voorjaarsnota introduceert onzekerheden.
Besluit van de Provinciale Staten
De Provinciale Staten moeten besluiten de perspectiefnota vast te stellen als kader voor de programmabegroting 2025.
Participatie
Het voorstel vermeldt participatie van Flevolandse gemeentes, het waterschap, bedrijven en inwoners bij de transitieopgaven, wat wijst op een inclusieve benadering.
Duurzaamheid
Duurzaamheid wordt niet expliciet genoemd als een centraal thema, maar kan impliciet relevant zijn binnen de transitieopgaven en de Strategische Agenda Flevoland.
Financiële Gevolgen
De financiële gevolgen zijn gedetailleerd beschreven, met een positief perspectief door de afschaffing van de opschalingskorting. De voorstellen kunnen binnen de beschikbare begrotingsruimte worden gedekt, zonder aanspraak te maken op de algemene reserve.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel en Samenvatting:
Het amendement betreft "Artikel 26 van Reglement van Orde Provinciale Staten van Flevoland" en richt zich op de structurele bijdrage aan de Omgevingsdienst Flevoland & Gooi- en Vechtstreek (OFGV) in afwachting van een meerjarenbegroting. Het amendement stelt voor om de structurele bijdrage van € 625.000 per jaar aan de OFGV, zoals voorgesteld in de perspectiefnota 2025-2028, uit te sluiten totdat er een gedegen financieel beleid is vastgesteld. Dit komt voort uit zorgen over het toekennen van middelen op basis van ramingen van de OFGV zelf, wat volgens de indieners niet getuigt van gedegen financieel beleid.
Oordeel over de volledigheid:
Het amendement is specifiek en duidelijk in zijn doelstelling om de structurele bijdrage aan de OFGV uit te sluiten van de perspectiefnota. Het biedt echter geen alternatief plan of oplossing voor de financiering van de OFGV in de tussentijd.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten moeten beslissen of ze het amendement aannemen, wat zou betekenen dat de structurele bijdrage aan de OFGV wordt uitgesloten van de perspectiefnota. Ze spelen een cruciale rol in het vaststellen van de begroting en het financiële beleid van de provincie.
Politieke keuzes:
De Staten moeten kiezen tussen het volgen van het huidige voorstel van het college, dat de bijdrage aan de OFGV omvat, of het aannemen van het amendement dat deze bijdrage uitsluit. Dit vraagt om een afweging tussen financieel beleid en de noodzaak van de bijdrage aan de OFGV.
SMART en Inconsequenties:
Het amendement is specifiek en meetbaar in zijn doel om de bijdrage uit te sluiten. Het is echter niet tijdgebonden, omdat het geen termijn stelt voor het vaststellen van een meerjarenbegroting. Er zijn geen duidelijke inconsequenties, maar het ontbreken van een alternatief plan kan als een tekortkoming worden gezien.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Staten moeten beslissen of ze het amendement aannemen of verwerpen. Dit besluit heeft directe gevolgen voor de financiële planning en de relatie met de OFGV.
Participatie:
Het amendement vermeldt niets over participatie van belanghebbenden of de betrokkenheid van de OFGV in het besluitvormingsproces.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid wordt niet expliciet genoemd in het amendement, maar kan indirect relevant zijn afhankelijk van de rol van de OFGV in milieubeheer en duurzaamheid.
Financiële gevolgen:
Het amendement heeft directe financiële gevolgen door de uitsluiting van de structurele bijdrage van € 625.000 per jaar aan de OFGV. Er wordt echter niet aangegeven hoe deze uitsluiting wordt gedekt of welke gevolgen dit heeft voor de OFGV.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel en Samenvatting:
Het amendement betreft "Groene steden en dorpen: een impuls voor de bossenstrategie" en is onderdeel van de Perspectiefnota 2025-2028. Het beoogt de Flevolandse bossenstrategie te versterken door vanaf 2025 jaarlijks 1 miljoen euro beschikbaar te stellen voor de aanleg van bossen in en om woonwijken. Dit moet bijdragen aan koolstofvastlegging, biodiversiteit, een aantrekkelijk landschap, en een gezonde leefomgeving. Het amendement wil de achterstand in de bossenstrategie inhalen en benadrukt de voordelen van bossen voor recreatie en verkoeling in stedelijke gebieden.
Volledigheid van het Voorstel:
Het voorstel is redelijk volledig, maar mist gedetailleerde informatie over de exacte locaties voor de bosaanleg en de specifieke rol van gemeenten in de uitvoering.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten moeten het amendement goedkeuren en de financiële middelen vrijmaken. Ze spelen een cruciale rol in het vaststellen van de kaders voor de programmabegroting en het toezicht op de uitvoering.
Politieke Keuzes:
De Staten moeten beslissen of ze prioriteit geven aan de bossenstrategie binnen de bredere context van de Perspectiefnota. Dit omvat keuzes over budgettoewijzing en samenwerking met gemeenten.
SMART en Inconsistenties:
Het voorstel is deels SMART: het is specifiek, meetbaar (1200 hectare bosuitbreiding), en tijdgebonden (2030). Echter, het mist concrete actieplannen en verantwoordelijkheden, wat de haalbaarheid en realisme kan beïnvloeden.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Staten moeten beslissen of ze het amendement aannemen en de voorgestelde financiële middelen toewijzen.
Participatie:
Het voorstel vermeldt overleg met gemeenten, maar geeft geen details over bredere participatie van burgers of andere belanghebbenden.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid is een kernonderdeel van het voorstel, gezien de focus op biodiversiteit, koolstofvastlegging, en een circulaire economie.
Financiële Gevolgen:
Het voorstel vraagt om 1 miljoen euro per jaar vanaf 2025, te dekken uit het ongeoormerkte deel van de Brede Bestemmingsreserve. Verdere financiële details of langetermijnkosten worden niet gespecificeerd.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel en Samenvatting:
Het amendement betreft "Overbodige indexatie motorrijtuigenbelasting" en is onderdeel van agendapunt 8b van de Perspectiefnota 2025-2028. Het amendement stelt voor om de indexatie van de motorrijtuigenbelasting (MRB) in Flevoland stop te zetten totdat een herziening door het rijk in 2025 heeft plaatsgevonden. Dit voorstel komt voort uit de constatering dat de kosten voor burgers stijgen door de indexatie, terwijl de provincie een positief financieel resultaat heeft behaald. Het amendement beoogt de financiële druk op inwoners te verlichten en te voorkomen dat de provincie zich uit de markt prijst door hogere belastingtarieven.
Oordeel over de volledigheid:
Het amendement is redelijk volledig in zijn argumentatie en onderbouwing. Het benoemt de financiële situatie van de provincie, de impact op burgers, en vergelijkt de belastingdruk met andere provincies. Echter, het mist gedetailleerde financiële analyses over de gevolgen van het niet indexeren.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten moeten het amendement beoordelen en besluiten of zij de voorgestelde wijziging in de perspectiefnota willen doorvoeren. Zij hebben de bevoegdheid om het belastingbeleid van de provincie te beïnvloeden.
Politieke keuzes:
De Staten moeten kiezen tussen het verlichten van de belastingdruk voor burgers en het behouden van een stabiele inkomstenstroom voor de provincie. Dit vraagt om een afweging tussen financiële verantwoordelijkheid en sociale rechtvaardigheid.
SMART en Inconsistenties:
Het voorstel is specifiek en tijdgebonden, maar mist meetbare en haalbare elementen. Er zijn geen duidelijke doelen gesteld voor de financiële impact of alternatieve dekkingsmogelijkheden. Er zijn geen directe inconsistenties, maar de haalbaarheid van het niet indexeren zonder financiële gevolgen is onduidelijk.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Staten moeten beslissen of zij het amendement aannemen en daarmee de indexatie van de MRB stopzetten tot de herziening door het rijk.
Participatie:
Het voorstel vermeldt geen directe participatie van burgers of andere belanghebbenden in het besluitvormingsproces.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid wordt niet expliciet genoemd in het amendement, maar het kan indirect relevant zijn als lagere MRB-tarieven het autogebruik stimuleren.
Financiële gevolgen:
Het amendement wijst op een positief financieel resultaat van de provincie, maar biedt geen gedetailleerde financiële analyse van de gevolgen van het niet indexeren van de MRB. Er wordt geen alternatieve dekking voor de potentiële inkomstenderving genoemd.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel en Samenvatting:
De motie draagt de titel "Grip op financiering door middel van indicatoren cultuur". Het voorstel richt zich op het verbeteren van de controle en effectiviteit van de financiële middelen die worden geïnvesteerd in de cultuursector in Flevoland. Voor 2025 is een investering van € 3,95 miljoen gepland, met een jaarlijkse vervolguitgave van € 200.000. De motie benadrukt het belang van duidelijke indicatoren om de effectiviteit van deze uitgaven te meten en vraagt het college om deze indicatoren te formuleren en af te stemmen met de Provinciale Staten voorafgaand aan de behandeling van de programmabegroting 2025.
Oordeel over de volledigheid:
De motie is redelijk volledig in het adresseren van de noodzaak voor controlemechanismen en indicatoren. Echter, het biedt geen specifieke voorbeelden van mogelijke indicatoren of methoden voor het meten van effectiviteit.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten hebben de rol om het beleid te controleren en goed te keuren. Ze moeten ervoor zorgen dat de middelen effectief worden ingezet en dat er duidelijke indicatoren zijn om dit te meten.
Politieke keuzes:
De Staten moeten beslissen of ze akkoord gaan met de voorgestelde investering in cultuur en of ze de noodzaak van de voorgestelde indicatoren onderschrijven. Ze moeten ook bepalen welke indicatoren relevant en haalbaar zijn.
SMART en Inconsistenties:
De motie is specifiek en tijdgebonden, maar mist meetbare en realistische details over de indicatoren zelf. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de motie zou baat hebben bij meer concrete voorbeelden van indicatoren.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Staten moeten beslissen of ze de motie aannemen en het college opdragen om de voorgestelde indicatoren te ontwikkelen en te implementeren.
Participatie:
De motie vermeldt geen specifieke participatie van stakeholders of de cultuursector bij het formuleren van de indicatoren, wat een gemiste kans kan zijn voor bredere betrokkenheid.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid wordt niet expliciet genoemd in de motie, maar kan relevant zijn als onderdeel van de sociale rendementen van de culturele investeringen.
Financiële gevolgen:
De motie zelf heeft geen directe financiële gevolgen, maar richt zich op het verbeteren van de controle over de reeds geplande uitgaven. Er wordt niet aangegeven hoe eventuele extra kosten voor het ontwikkelen van indicatoren gedekt worden.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel en Samenvatting:
De motie draagt de titel "Grip op fonds verstedelijking Almere en de € 6,8 miljoen van de provincie". Het doel van de motie is om meer transparantie en controle te verkrijgen over de besteding van middelen uit het Fonds Verstedelijking Almere (FVA). De motie constateert dat er onduidelijkheden en dubbelingen zijn in de financiering van projecten, wat de financiële transparantie belemmert. Het roept op tot een afzonderlijk overleg met Provinciale Staten om de bestedingen per hoofdlijn te bespreken en te beslissen, en om voorafgaand aan dit overleg gedetailleerde informatie te verstrekken over de financieringslijnen en mogelijke overlap met andere begrotingsposten.
Volledigheid van het Voorstel:
De motie is redelijk volledig in het adresseren van de kernproblemen rondom de transparantie en controle van het FVA. Het biedt concrete stappen om deze problemen aan te pakken, zoals het organiseren van een overleg en het verstrekken van gedetailleerde informatie.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten hebben een controlerende en kaderstellende rol. De motie benadrukt dat de Staten meer betrokken moeten worden bij de besluitvorming over de besteding van FVA-middelen om hun rol effectief te kunnen vervullen.
Politieke Keuzes:
De Staten moeten beslissen of ze meer controle willen over de besteding van FVA-middelen en of ze bereid zijn om de huidige werkwijze te veranderen om meer transparantie en efficiëntie te bereiken.
SMART en Inconsistenties:
De motie is specifiek en meetbaar in termen van het organiseren van een overleg en het verstrekken van informatie. Het is tijdgebonden met betrekking tot de Programmabegroting 2025. Er zijn geen duidelijke inconsistenties in de motie.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Staten moeten beslissen of ze de motie aannemen en daarmee het college opdragen om de voorgestelde acties uit te voeren.
Participatie:
De motie impliceert participatie van de Provinciale Staten door hen te betrekken bij de besluitvorming over de besteding van FVA-middelen.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid wordt niet expliciet genoemd in de motie, maar kan relevant zijn afhankelijk van de projecten die door het FVA worden gefinancierd.
Financiële Gevolgen:
De motie zelf heeft geen directe financiële gevolgen, maar richt zich op het verbeteren van de transparantie en efficiëntie van de besteding van bestaande middelen. Er wordt geen specifieke dekking voor eventuele kosten genoemd, aangezien de focus ligt op herstructurering van de bestaande processen.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel en Samenvatting:
De motie draagt de titel "MKB-toets voor Flevolands beleid" en richt zich op het invoeren van een toetsingsmechanisme waarbij MKB-ondernemers betrokken worden bij het evalueren van nieuw Flevolands beleid. Dit moet ervoor zorgen dat nieuwe regelgeving uitvoerbaar is in de praktijk en geen onnodige regeldruk oplevert voor ondernemers. De motie benadrukt het belang van ondernemersinzichten om de economische strategie van Flevoland te versterken en te laten groeien.
Oordeel over de volledigheid:
De motie is beknopt en richt zich specifiek op het betrekken van MKB-ondernemers bij de toetsing van nieuw beleid. Hoewel het duidelijk is in zijn doelstelling, ontbreekt een gedetailleerd plan van aanpak of een tijdlijn voor implementatie.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten hebben de rol om deze motie te bespreken, te amenderen indien nodig, en uiteindelijk te stemmen over de aanneming ervan. Zij moeten beoordelen of de voorgestelde MKB-toets bijdraagt aan de beleidsdoelen van de provincie.
Politieke keuzes:
De Staten moeten beslissen of zij het belangrijk vinden om ondernemers actief te betrekken bij beleidsvorming en of zij geloven dat dit de economische strategie van Flevoland ten goede komt. Ze moeten ook overwegen hoe deze toetsing praktisch kan worden geïmplementeerd.
SMART en Inconsistenties:
De motie is specifiek en relevant, maar mist meetbare doelen, een tijdsgebonden kader en een duidelijke implementatiestrategie. Er zijn geen directe inconsistenties, maar de uitvoering is nog vaag.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Staten moeten besluiten of zij het college verzoeken om de MKB-toets in te voeren voor nieuw beleid dat MKB-bedrijven beïnvloedt.
Participatie:
De motie benadrukt participatie door MKB-ondernemers in de beleidsvorming, wat een directe vorm van participatie is.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid wordt niet expliciet genoemd in de motie, maar kan indirect relevant zijn als de toetsing leidt tot beleid dat duurzame bedrijfspraktijken bevordert.
Financiële gevolgen:
De motie bespreekt niet expliciet de financiële gevolgen of hoe deze gedekt worden. Het invoeren van een MKB-toets kan kosten met zich meebrengen, bijvoorbeeld voor het organiseren van consultaties of het uitvoeren van onderzoeken. Het is onduidelijk hoe deze kosten worden gedekt.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel en Samenvatting:
De motie draagt de titel "Een plus op Cultuurplus scholen" en richt zich op het verbeteren en uitbreiden van cultuureducatie in Flevoland. Het doel is om het aantal scholen dat deelneemt aan het Cultuurplusaanbod te verhogen van 75 naar 90 tegen 2028. Dit moet gebeuren door het budget voor cultuureducatie structureel te verhogen met €100.000 per jaar. De extra middelen worden gedekt uit de stelpost nieuw beleid en verwerkt in de Programmabegroting 2025.
Oordeel over de volledigheid:
De motie is redelijk volledig, met duidelijke doelen en financiële dekking. Echter, details over de implementatie en evaluatie van de voorgestelde maatregelen ontbreken.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten moeten de motie beoordelen en besluiten of ze het college verzoeken het budget voor cultuureducatie te verhogen en de extra inzet te betrekken bij het cultuurbeleid.
Politieke keuzes:
De Staten moeten beslissen of ze prioriteit geven aan cultuureducatie en bereid zijn extra middelen vrij te maken, mogelijk ten koste van andere beleidsgebieden.
SMART en Inconsistenties:
De motie is deels SMART: het doel (20% stijging in scholen) is specifiek, meetbaar en tijdgebonden. Echter, de haalbaarheid en relevantie zijn afhankelijk van verdere beleidsuitwerking. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de motie mist details over hoe de kwaliteit van cultuureducatie behouden blijft.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Staten moeten besluiten of ze de motie aannemen en het college verzoeken het budget te verhogen en de plannen te integreren in het cultuurbeleid.
Participatie:
De motie vermeldt geen specifieke participatie van scholen of andere belanghebbenden in de besluitvorming of uitvoering.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid wordt niet expliciet genoemd, maar cultuureducatie kan bijdragen aan sociale duurzaamheid door het bevorderen van culturele bewustwording en inclusiviteit.
Financiële gevolgen:
De motie vraagt om een structurele verhoging van het budget met €100.000 per jaar, gedekt uit de stelpost nieuw beleid. Dit impliceert dat er geen directe bezuinigingen elders nodig zijn, maar het kan invloed hebben op toekomstige beleidsprioriteiten.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Samenvatting: De motie betreft het stimuleren van cultuureducatie voor jonge kinderen in Flevoland. Het benadrukt het belang van cultuur voor de brede ontwikkeling van kinderen, het tegengaan van taalachterstanden en het bevorderen van sociaal-emotionele ontwikkeling. De motie verzoekt het college om een onderzoek te doen naar de huidige stand van cultuureducatie in kinderopvang en voorschoolse educatie, en een pilot uit te voeren op een kinderdagverblijf. Hiervoor wordt een budget van maximaal €50.000 voorgesteld, te dekken uit de brede bestemmingsreserve.
Oordeel over de volledigheid van het voorstel
Het voorstel is redelijk volledig in zijn opzet. Het bevat een duidelijke constatering, overwegingen en een concreet dictum. Echter, het mist specifieke details over de uitvoering van de pilot en de criteria voor succes.
Rol van de Provinciale Staten
De Provinciale Staten hebben de rol om de motie te bespreken, te amenderen indien nodig, en uiteindelijk te stemmen over de aanneming ervan. Zij moeten beoordelen of het voorstel in lijn is met de bredere beleidsdoelen van de provincie.
Politieke keuzes
De Staten moeten beslissen of zij cultuureducatie als prioriteit zien binnen het bredere kader van kinderontwikkeling en of zij bereid zijn om hiervoor financiële middelen vrij te maken. Er moet ook een keuze worden gemaakt over de dekking van de kosten uit de brede bestemmingsreserve.
SMART en Inconsistenties
Het voorstel is gedeeltelijk SMART. Het is specifiek en meetbaar in termen van het budget en de pilot, maar mist tijdsgebonden elementen en specifieke criteria voor succes. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de uitvoeringselementen kunnen verder worden uitgewerkt.
Besluit van de Provinciale Staten
De Provinciale Staten moeten besluiten of zij de motie aannemen en daarmee het college verzoeken om het onderzoek en de pilot uit te voeren.
Participatie
De motie verwijst naar een participatietraject dat het belang van cultuureducatie heeft aangetoond, maar geeft geen verdere details over hoe participatie van belanghebbenden in de uitvoering van de pilot wordt meegenomen.
Duurzaamheid
Duurzaamheid wordt niet expliciet genoemd in de motie, maar kan indirect relevant zijn als cultuureducatie bijdraagt aan de ontwikkeling van bewuste en betrokken burgers.
Financiële gevolgen
De financiële gevolgen zijn beperkt tot een maximaal bedrag van €50.000 voor de pilot, te dekken uit het niet geoormerkte deel van de brede bestemmingsreserve. Dit geeft aan dat er geen directe belastingdruk of herverdeling van bestaande middelen nodig is.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel en Samenvatting:
De motie draagt de titel "Behoud toegang tot cultuur" en richt zich op de mogelijke negatieve effecten van een aangekondigde btw-verhoging op culturele activiteiten in Flevoland. De motie constateert dat cultuur een cruciale rol speelt in het sociale en economische leven van de inwoners. Het verzoekt het college om een onderzoek uit te voeren naar de specifieke effecten van de btw-verhoging op de culturele sector en, indien nodig, een compensatiefonds voor te stellen om de negatieve gevolgen te beperken.
Oordeel over de volledigheid:
De motie is redelijk volledig in het adresseren van de directe zorgen over de btw-verhoging en de mogelijke impact op de culturele sector. Het biedt echter geen gedetailleerde richtlijnen voor het onderzoek of het compensatiefonds.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten spelen een toezichthoudende en besluitvormende rol. Ze moeten de motie bespreken, overwegen en stemmen om het college te verzoeken actie te ondernemen.
Politieke keuzes:
De Staten moeten beslissen of ze de noodzaak van het onderzoek en een mogelijk compensatiefonds ondersteunen. Dit vereist een afweging tussen financiële implicaties en het belang van cultuurbehoud.
SMART en Inconsistenties:
De motie is niet volledig SMART (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, Tijdgebonden). Het mist specifieke tijdlijnen voor het onderzoek en de implementatie van eventuele maatregelen. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de uitwerking van het compensatiefonds is vaag.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Staten moeten besluiten of ze de motie aannemen en het college verzoeken het voorgestelde onderzoek en eventuele vervolgacties uit te voeren.
Participatie:
De motie vermeldt geen specifieke participatie van burgers of culturele instellingen in het proces, hoewel het onderzoek mogelijk input van deze groepen kan vereisen.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid wordt niet expliciet genoemd, maar het behoud van culturele toegang kan bijdragen aan sociale duurzaamheid door het bevorderen van inclusiviteit en gemeenschapsvorming.
Financiële gevolgen:
De motie erkent mogelijke financiële uitdagingen voor culturele instellingen, maar biedt geen gedetailleerde financiële analyse of dekking voor het voorgestelde compensatiefonds. Dit zou in een later stadium moeten worden uitgewerkt.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel en Samenvatting:
De motie draagt de titel "Programma drinkwaterbesparing" en richt zich op het ontwikkelen van een provinciaal programma voor waterbesparing en bewustwording, met speciale aandacht voor grootgebruikers. Het doel is om de drinkwatervoorraad te beschermen en congestieproblemen in delen van Flevoland te verminderen. De motie benadrukt het belang van innovaties en alternatieve bronnen voor duurzaam watergebruik en vraagt het college om een voorstel uit te werken dat voor de begroting van 2025 aan de Provinciale Staten wordt voorgelegd.
Oordeel over de volledigheid:
De motie is redelijk volledig in het identificeren van het probleem en het stellen van een duidelijke opdracht aan het college. Echter, specifieke details over de uitvoering en de betrokken partijen ontbreken.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten hebben de rol om de motie te beoordelen, goed te keuren en toezicht te houden op de uitvoering ervan door het college.
Politieke keuzes:
De Staten moeten beslissen of ze prioriteit geven aan waterbesparing en bewustwording, en of ze bereid zijn middelen vrij te maken voor de ontwikkeling van het programma.
SMART en Inconsistenties:
De motie is specifiek en tijdgebonden, maar mist meetbare doelen en concrete acties, waardoor het niet volledig SMART is. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de uitvoering kan verduidelijking vereisen.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Staten moeten besluiten of ze de motie aannemen en het college de opdracht geven om het programma uit te werken.
Participatie:
De motie vermeldt geen specifieke participatie van burgers of belanghebbenden, wat een gemiste kans kan zijn voor bredere betrokkenheid.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid is een centraal thema, gezien de focus op het duurzaam veiligstellen van de drinkwatervoorziening.
Financiële gevolgen:
De motie geeft geen specifieke financiële details of dekking aan, maar vraagt om integratie in de Programmabegroting 2025, wat impliceert dat financiële overwegingen later worden uitgewerkt.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel: Netcongestie verminderen met thuis- en buurtbatterijen
Samenvatting: De motie richt zich op het verminderen van netcongestie in Flevoland door het gebruik van thuis- en buurtbatterijen. Netcongestie vormt een probleem door de toenemende vraag en aanbod op het elektriciteitsnet. Thuis- en buurtbatterijen kunnen helpen om zonnestroom beter te reguleren en pieken in het netgebruik te verminderen. Momenteel bestaat er geen subsidie voor deze batterijen, en de kosten kunnen een belemmering vormen voor inwoners. De motie draagt het college op om een subsidieregeling uit te werken, met een budget van 5 miljoen euro uit de Brede bestemmingsreserve, en dit voorstel voor de begroting van 2025 aan de Staten voor te leggen.
Oordeel over de volledigheid van het voorstel
Het voorstel is redelijk volledig. Het identificeert het probleem van netcongestie en biedt een concrete oplossing door middel van een subsidieregeling. Het bevat ook een tijdlijn en een budgetvoorstel. Echter, details over de implementatie en de specifieke criteria voor de subsidieregeling ontbreken.
Rol van de Provinciale Staten
De Provinciale Staten moeten het voorstel beoordelen en goedkeuren. Ze spelen een cruciale rol in het besluitvormingsproces door het college op te dragen een subsidieregeling uit te werken en de financiële middelen hiervoor beschikbaar te stellen.
Politieke keuzes
De Staten moeten beslissen of ze prioriteit willen geven aan het verminderen van netcongestie via deze specifieke maatregel. Ze moeten ook overwegen of het oormerken van 5 miljoen euro uit de Brede bestemmingsreserve gerechtvaardigd is.
SMART en Inconsistenties
Het voorstel is deels SMART: het is specifiek, meetbaar (5 miljoen euro), en tijdgebonden (voorstel voor 2025). Het is echter minder specifiek over de haalbaarheid en relevantie, aangezien er geen details zijn over de implementatie en effectiviteit van de subsidieregeling.
Besluit van de Provinciale Staten
De Staten moeten beslissen of ze het college de opdracht geven om de subsidieregeling uit te werken en het benodigde budget beschikbaar te stellen.
Participatie
Het voorstel zegt niets expliciet over participatie van inwoners of andere belanghebbenden in de ontwikkeling van de subsidieregeling.
Duurzaamheid
Duurzaamheid is een relevant onderwerp, aangezien het voorstel gericht is op het efficiënter gebruik van hernieuwbare energiebronnen en het verminderen van piekbelasting op het elektriciteitsnet.
Financiële gevolgen
Het voorstel vraagt om 5 miljoen euro uit de Brede bestemmingsreserve. Er wordt geen verdere dekking of financiële impactanalyse gepresenteerd, wat een aandachtspunt kan zijn voor de Staten.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Samenvatting: De motie roept op tot het nemen van onorthodoxe maatregelen om de netcongestie in Flevoland aan te pakken. Bedrijven en instellingen ondervinden problemen door netcongestie en zijn vaak afhankelijk van dure dieselaggregaten. De motie stelt voor om bij het kabinet te pleiten voor tijdelijke toestemming voor het gebruik van rode diesel, wat goedkoper is, om de kosten voor deze bedrijven te verlagen totdat ze op het stroomnet kunnen worden aangesloten. De Provinciale Staten worden gevraagd om het college op te dragen hierover in gesprek te gaan met het kabinet en hen op de hoogte te houden van de voortgang.
Oordeel over de volledigheid
De motie is redelijk volledig in het adresseren van het probleem van netcongestie en het voorstellen van een tijdelijke oplossing. Echter, het biedt geen gedetailleerd plan voor de implementatie van de voorgestelde maatregelen of een lange termijn oplossing voor netcongestie.
Rol van de Provinciale Staten
De Provinciale Staten worden gevraagd om het college op te dragen om met het kabinet te overleggen over de mogelijkheden voor het gebruik van rode diesel. Hun rol is om de motie te beoordelen en te beslissen of zij het college deze opdracht willen geven.
Politieke keuzes
De politieke keuzes betreffen het al dan niet ondersteunen van het gebruik van rode diesel als tijdelijke maatregel en het bepalen van de prioriteit van het aanpakken van netcongestie in de provincie.
SMART en Inconsistenties
De motie is niet volledig SMART (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, Tijdgebonden). Het is specifiek in zijn doelstelling, maar mist meetbare criteria, een tijdsgebonden plan en een realistische inschatting van de haalbaarheid. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de haalbaarheid van het gebruik van rode diesel is afhankelijk van nationale regelgeving.
Besluit van de Provinciale Staten
De Provinciale Staten moeten beslissen of zij het college de opdracht willen geven om met het kabinet te overleggen over het gebruik van rode diesel als tijdelijke maatregel tegen netcongestie.
Participatie
De motie vermeldt geen specifieke participatie van bedrijven of andere belanghebbenden in het proces, behalve dat zij op de hoogte worden gehouden.
Duurzaamheid
Duurzaamheid is een relevant onderwerp, aangezien het gebruik van diesel, zelfs rode diesel, milieu-impact heeft. De motie richt zich echter op kostenbesparing en tijdelijke oplossingen, zonder expliciete aandacht voor duurzame alternatieven.
Financiële Gevolgen
De motie bespreekt de financiële lasten voor bedrijven door het gebruik van dieselaggregaten, maar geeft geen gedetailleerde financiële analyse of dekking voor de voorgestelde maatregelen. Het is onduidelijk hoe de kosten van rode diesel worden gedekt of gecompenseerd.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel en Samenvatting:
De titel van de motie is "Kenniscentrum wooncoöperaties en wooninitiatieven Flevoland". De motie verzoekt het College van Gedeputeerde Staten (GS) om te onderzoeken of een kenniscentrum voor woonvormen nuttig kan zijn voor particuliere initiatiefnemers in Flevoland. Dit centrum zou samen met bestaande en opkomende wooninitiatieven moeten kijken naar mogelijkheden om woningbouw te stimuleren en sociale cohesie te bevorderen. De resultaten van dit onderzoek moeten voor de begrotingsbehandeling van 2025 aan de Provinciale Staten worden gerapporteerd.
Oordeel over de volledigheid:
De motie is redelijk volledig in de zin dat het duidelijk maakt wat er van het College van GS wordt verwacht. Het bevat concrete verzoeken en deadlines, maar mist specifieke details over hoe het onderzoek uitgevoerd moet worden.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten hebben de rol om de motie te beoordelen en te besluiten of ze het College van GS willen verzoeken om het voorgestelde onderzoek uit te voeren. Ze moeten ook de resultaten van het onderzoek evalueren.
Politieke keuzes:
De Staten moeten beslissen of ze prioriteit willen geven aan het ondersteunen van particuliere wooninitiatieven en of ze een kenniscentrum als een effectieve manier zien om dit te doen. Ze moeten ook overwegen hoe dit past binnen bredere beleidsdoelen op het gebied van volkshuisvesting en sociale cohesie.
SMART en Inconsistenties:
De motie is deels SMART: het is specifiek, meetbaar (onderzoek uitvoeren), en tijdgebonden (rapportage voor november 2024). Het is minder duidelijk hoe het onderzoek precies uitgevoerd moet worden (haalbaar en relevant). Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de haalbaarheid van het kenniscentrum is nog niet onderzocht.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten moeten besluiten of ze de motie aannemen en het College van GS verzoeken om het onderzoek naar het kenniscentrum uit te voeren.
Participatie:
De motie benadrukt participatie door te suggereren dat het kenniscentrum samenwerkt met bestaande en opkomende wooninitiatieven, wat participatie van lokale actoren impliceert.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid wordt niet expliciet genoemd in de motie, maar kan relevant zijn als het kenniscentrum duurzame bouwpraktijken en woonvormen promoot.
Financiële gevolgen:
De motie zelf bespreekt geen directe financiële gevolgen of dekkingsvoorstellen. Het onderzoek naar het kenniscentrum kan echter financiële implicaties hebben, afhankelijk van de uitkomsten en aanbevelingen. Het is belangrijk dat de Provinciale Staten deze aspecten overwegen bij de begrotingsbehandeling.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel en Samenvatting:
De titel van de motie is "Ontwikkelen van een visie op Arbeidsmigratie". De motie stelt dat arbeidsmigratie een cruciale rol speelt in de economische versterking van Flevoland en bijdraagt aan het opvullen van arbeidsmarkttekorten. De initiatiefnemers constateren dat de huidige Perspectiefnota 2025-2028 geen visie op arbeidsmigratie bevat. Ze verzoeken het college om in 2024 een visie op arbeidsmigratie te ontwikkelen en deze te integreren in de Programmabegroting 2025. Dit zou bijdragen aan een breder economisch perspectief en een evenwichtige groei binnen de economische pijlers van de provincie.
Oordeel over de volledigheid:
De motie is redelijk volledig in het identificeren van de noodzaak voor een visie op arbeidsmigratie en het koppelen hiervan aan de economische ontwikkeling van de provincie. Echter, het biedt geen gedetailleerde richtlijnen of specifieke elementen die in de visie moeten worden opgenomen.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten hebben de rol om de motie te beoordelen en te besluiten of zij het college de opdracht geven om een visie op arbeidsmigratie te ontwikkelen. Ze moeten ook toezien op de integratie van deze visie in de toekomstige programmabegroting.
Politieke keuzes:
De Staten moeten beslissen of ze prioriteit willen geven aan het ontwikkelen van een visie op arbeidsmigratie en hoe deze visie moet worden geïntegreerd in het bredere economische beleid. Ze moeten ook overwegen hoe ze de balans willen bewaren tussen economische groei en andere maatschappelijke belangen.
SMART en Inconsistenties:
De motie is specifiek en tijdgebonden (ontwikkeling in 2024), maar mist meetbare en haalbare criteria voor wat de visie moet bevatten. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de motie zou baat hebben bij meer concrete doelstellingen.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten moeten besluiten of ze de motie aannemen en het college verzoeken om de visie te ontwikkelen en te integreren in de programmabegroting.
Participatie:
De motie vermeldt niet expliciet hoe participatie van belanghebbenden, zoals werkgevers, werknemers en migranten, wordt meegenomen in de ontwikkeling van de visie.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid wordt niet expliciet genoemd in de motie, maar kan relevant zijn in de context van het creëren van een evenwichtige en langdurige economische groei.
Financiële gevolgen:
De motie geeft geen specifieke financiële gevolgen aan, noch hoe eventuele kosten voor het ontwikkelen van de visie gedekt zouden worden. Dit zou een aandachtspunt kunnen zijn voor de Provinciale Staten bij de besluitvorming.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel en Samenvatting:
De motie heeft als titel "Pilot bodemdalingsgebieden" en richt zich op het aanpakken van bodemdaling in Flevoland, specifiek in de gebieden Zuidlob en Oud Emmeloorderweg. De motie constateert dat bodemdaling en natte weersomstandigheden leiden tot problemen zoals wateroverlast en negatieve effecten op de voedselproductie. Er zijn al maatregelen genomen in delen van de Noordoostpolder (NOP), maar niet in de genoemde probleemgebieden. De motie roept op tot een pilot voor onderbemaling in samenwerking met het Waterschap en betrokken ondernemers, en pleit voor gezamenlijke sessies met Staten- en Waterschapsleden om oplossingen te bespreken.
Volledigheid van het Voorstel:
Het voorstel is redelijk volledig in het identificeren van het probleem en het voorstellen van een pilot als oplossing. Het biedt echter weinig detail over de specifieke uitvoering van de pilot en de verwachte resultaten.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten hebben de rol om de motie te beoordelen en te beslissen of zij het college de opdracht geven om de voorgestelde pilot uit te voeren. Ze moeten ook betrokken zijn bij de gezamenlijke sessies met het Waterschap.
Politieke Keuzes:
De Staten moeten beslissen of zij prioriteit geven aan het aanpakken van bodemdaling via de voorgestelde pilot en of zij de samenwerking met het Waterschap en ondernemers willen intensiveren.
SMART en Inconsistenties:
De motie is niet volledig SMART (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, Tijdgebonden). Het mist specifieke meetbare doelen en een tijdsbestek voor de uitvoering van de pilot. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de motie kan concreter zijn.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten moeten beslissen of zij de motie aannemen en het college de opdracht geven om de pilot uit te voeren.
Participatie:
De motie benadrukt participatie door het betrekken van ondernemers en het organiseren van gezamenlijke sessies met Staten- en Waterschapsleden.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid is een relevant onderwerp, aangezien bodemdaling en waterbeheer direct invloed hebben op de landbouw en het milieu.
Financiële Gevolgen:
De motie vermeldt dat de provincie, het Waterschap en ondernemers elk een bijdrage leveren, maar geeft geen specifieke financiële details of dekking aan. Dit kan een punt van zorg zijn bij de besluitvorming.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel: Motie over Vitale samenleving in begroting 2025
Samenvatting: De motie stelt dat het programma "Krachtige samenleving" is afgelopen en dat er behoefte is aan een nieuwe visie op een vitale samenleving. Het college wil hierover in gesprek met de raad, maar er is nog geen tijdspad of gedeeld begrip over de inhoud van deze visie. De motie verzoekt het college om samen met de Provinciale Staten een visie te ontwikkelen en deze te integreren in de programmabegroting 2025, inclusief de benodigde financiële middelen.
Oordeel over de volledigheid
De motie is redelijk volledig in het identificeren van het probleem (het aflopen van het huidige programma) en het formuleren van een oplossing (het ontwikkelen van een nieuwe visie). Echter, het mist specifieke details over hoe deze visie ontwikkeld moet worden en welke stappen daarvoor nodig zijn.
Rol van de Provinciale Staten
De Provinciale Staten hebben de rol om samen met het college een visie op de vitale samenleving te ontwikkelen en deze te beoordelen en goed te keuren in de context van de programmabegroting 2025.
Politieke keuzes
De politieke keuzes betreffen de prioritering van middelen en aandacht voor de ontwikkeling van een vitale samenleving. Er moet worden besloten welke aspecten van vitaliteit belangrijk zijn en hoe deze gefinancierd moeten worden.
SMART en Inconsistenties
De motie is niet volledig SMART (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, Tijdgebonden) omdat er geen specifieke tijdslijnen of meetbare doelen zijn opgenomen. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de afwezigheid van een tijdspad is een tekortkoming.
Besluit van de Provinciale Staten
De Provinciale Staten moeten besluiten of zij het college de opdracht geven om samen een visie te ontwikkelen en deze te integreren in de begroting.
Participatie
De motie impliceert participatie door te stellen dat de visie samen met de Provinciale Staten ontwikkeld moet worden, maar geeft geen verdere details over bredere participatie van andere belanghebbenden.
Duurzaamheid
Duurzaamheid wordt niet expliciet genoemd in de motie, maar kan een relevant onderwerp zijn afhankelijk van hoe de vitale samenleving wordt gedefinieerd en welke aspecten als prioriteit worden gesteld.
Financiële gevolgen
De motie erkent dat er nog geen financiële middelen zijn gereserveerd voor de nieuwe visie. Het vraagt om deze middelen te betrekken in de programmabegroting 2025, maar geeft geen details over de omvang van de benodigde middelen of hoe deze gedekt zullen worden.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Samenvatting: De motie richt zich op het verbeteren en uitbreiden van cultuureducatie in Flevolandse scholen. Het doel is om het aantal scholen dat deelneemt aan het Cultuurplusaanbod te verhogen van 75 naar 90 tegen 2028. Dit vereist een structurele verhoging van het budget voor cultuureducatie met €100.000 per jaar. Daarnaast wordt voorgesteld om de capaciteit van de Cultuurbus uit te breiden indien nodig. De financiële dekking voor deze uitbreiding komt uit de stelpost nieuw beleid en wordt verwerkt in de Programmabegroting 2025.
Oordeel over de volledigheid
Het voorstel is redelijk volledig. Het bevat duidelijke doelen, een tijdlijn, en een financiële dekking. Echter, het mist specifieke details over hoe de kwaliteitsverbetering van de cultuureducatie wordt gemeten.
Rol van de Provinciale Staten
De Provinciale Staten moeten de motie beoordelen en besluiten of ze het college verzoeken om het budget voor cultuureducatie te verhogen en de capaciteit van de Cultuurbus uit te breiden.
Politieke keuzes
De Staten moeten kiezen of ze prioriteit geven aan het uitbreiden van cultuureducatie en of ze bereid zijn om extra financiële middelen hiervoor vrij te maken.
SMART en Inconsistenties
Het voorstel is deels SMART: het is specifiek, meetbaar (20% stijging), en tijdgebonden (2028). Het is minder duidelijk hoe de kwaliteitsverbetering wordt gemeten, wat een inconsistentie kan zijn.
Besluit van de Provinciale Staten
De Staten moeten besluiten of ze de motie aannemen en daarmee het college verzoeken om de voorgestelde maatregelen te implementeren.
Participatie
De motie vermeldt geen specifieke participatie van stakeholders zoals scholen of culturele instellingen in de besluitvorming.
Duurzaamheid
Duurzaamheid wordt niet expliciet genoemd, maar cultuureducatie kan bijdragen aan sociale duurzaamheid door het bevorderen van culturele bewustwording.
Financiële gevolgen
De motie vraagt om een structurele verhoging van het budget met €100.000 per jaar. De dekking komt uit de stelpost nieuw beleid en wordt verwerkt in de Programmabegroting 2025. Dit lijkt een haalbare financiële dekking, maar vereist goedkeuring van de Staten.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Analyse van de Motie: Netcongestie verminderen met thuis- en buurtbatterijen
Titel en Samenvatting:
De motie draagt de titel "Netcongestie verminderen met thuis- en buurtbatterijen". Het doel is om de netcongestie in Flevoland te verminderen door het gebruik van thuis- en buurtbatterijen te stimuleren. Dit kan door een subsidieregeling te onderzoeken en mogelijk in te voeren, gefinancierd vanuit de Brede bestemmingsreserve. De motie vraagt het college om dit onderzoek uit te voeren en de resultaten voor te leggen bij de begrotingsbehandeling van 2025.
Oordeel over de volledigheid:
De motie is redelijk volledig in het identificeren van het probleem (netcongestie) en het voorstellen van een mogelijke oplossing (subsidies voor batterijen). Echter, details over de uitvoering van de subsidieregeling en de exacte financiële implicaties ontbreken.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten moeten de motie beoordelen en besluiten of ze het college de opdracht geven om het onderzoek naar de subsidieregeling uit te voeren. Ze spelen een cruciale rol in de besluitvorming en goedkeuring van de uiteindelijke regeling.
Politieke keuzes:
De Staten moeten beslissen of ze prioriteit geven aan het verminderen van netcongestie via subsidies, en of ze bereid zijn middelen uit de Brede bestemmingsreserve hiervoor in te zetten. Dit kan invloed hebben op andere projecten die mogelijk ook financiering nodig hebben.
SMART en Inconsistenties:
De motie is specifiek en tijdgebonden (onderzoek starten voor 1 januari 2025), maar mist meetbare doelen en concrete resultaten. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de haalbaarheid en effectiviteit van de voorgestelde oplossing zijn nog onduidelijk.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Staten moeten besluiten of ze het college de opdracht geven om het onderzoek naar de subsidieregeling uit te voeren en of ze akkoord gaan met het gebruik van de Brede bestemmingsreserve voor dit doel.
Participatie:
De motie vermeldt geen specifieke participatie van burgers of andere stakeholders in het proces. Dit kan een aandachtspunt zijn voor verdere uitwerking.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid is een relevant onderwerp, aangezien het gebruik van batterijen kan bijdragen aan een efficiënter en stabieler energienet, wat de integratie van hernieuwbare energiebronnen bevordert.
Financiële gevolgen:
De motie suggereert dat de kosten gedekt kunnen worden uit de Brede bestemmingsreserve, maar geeft geen specifieke bedragen of een gedetailleerde financiële analyse. Dit moet verder worden uitgewerkt in het voorgestelde onderzoek.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Samenvatting: De motie betreft de ontwikkeling van een subsidieregeling voor windparken in Flevoland om cameradetectiesystemen (CDS) te installeren. Deze systemen verminderen vogelaanvaringen zonder significant energieverlies. Twee subsidievarianten zijn voorgesteld: 20% of 40% van de investeringskosten dekken. De motie stelt voor om de 20% variant te kiezen, met een subsidie van €100.000 per park. De regeling moet in de programmabegroting 2025 worden opgenomen en gefinancierd worden uit de Brede Bestemmingsreserve. Het doel is om kwetsbare vogelsoorten zoals de zeearend en kiekendief beter te beschermen.
Oordeel over de volledigheid
Het voorstel is redelijk volledig. Het bevat een duidelijke doelstelling, een keuze tussen twee subsidievarianten, en een financieringsbron. Echter, details over de implementatie en monitoring van de regeling ontbreken.
Rol van de Provinciale Staten
De Provinciale Staten moeten de motie goedkeuren, wat betekent dat zij instemmen met de voorgestelde subsidieregeling en de financiering ervan. Zij spelen een beslissende rol in het al dan niet doorgaan van deze regeling.
Politieke keuzes
De belangrijkste politieke keuze betreft de hoogte van de subsidie (20% versus 40%) en de prioritering van vogelbescherming binnen het bredere kader van duurzame energieopwekking.
SMART en Inconsistenties
Het voorstel is deels SMART: het is specifiek, meetbaar (in termen van subsidiepercentage), en tijdgebonden (start in 2025). Het is minder duidelijk hoe de effectiviteit van de regeling gemonitord zal worden, wat de 'A' (acceptabel) en 'R' (realistisch) aspecten betreft.
Besluit van de Provinciale Staten
De Provinciale Staten moeten beslissen of zij de motie aannemen en daarmee de voorgestelde subsidieregeling goedkeuren.
Participatie
Het voorstel vermeldt geen specifieke participatie van belanghebbenden zoals windparkexploitanten of natuurbeschermingsorganisaties in de ontwikkeling van de regeling.
Duurzaamheid
Duurzaamheid is een kernonderwerp, aangezien de motie gericht is op het verminderen van de negatieve impact van windenergie op vogelpopulaties, zonder significant energieverlies.
Financiële gevolgen
De financiële gevolgen betreffen een subsidie van €100.000 per windpark, gedekt uit de Brede Bestemmingsreserve. Het voorstel geeft aan hoe de regeling gefinancierd wordt, maar niet hoeveel windparken in aanmerking komen, wat de totale kosten onduidelijk maakt.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel en Samenvatting:
De titel van de motie is "Passende Dienstwagens". De motie stelt voor om bij het aangaan van een nieuw leasecontract voor dienstwagens in 2028 de maximale fiscale waarde per auto te beperken tot €70.000,00, terwijl de oorspronkelijke voorwaarden (elektrisch aangedreven, goed rijbereik, goed zitcomfort en ruimte om te werken) behouden blijven. Dit voorstel komt voort uit de overweging dat er betaalbaardere voertuigen beschikbaar zijn die aan deze eisen voldoen en dat het gebruik van dure auto's de kloof tussen bestuurders en inwoners vergroot. Er wordt ook gesuggereerd om deze verandering eerder door te voeren als dit kostenbesparend kan zijn.
Oordeel over de volledigheid:
De motie is redelijk volledig in termen van de doelstellingen en de context. Het geeft duidelijk aan waarom de verandering nodig is en welke voorwaarden behouden moeten blijven. Echter, het mist specifieke details over hoe de kostenbesparing precies gerealiseerd kan worden.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten hebben de rol om de motie te bespreken, te amenderen indien nodig, en uiteindelijk te stemmen over de aanneming ervan. Zij moeten beoordelen of de voorgestelde veranderingen in lijn zijn met de provinciale doelen en budgettaire beperkingen.
Politieke keuzes:
De politieke keuzes draaien om de prioritering van kostenbesparing en het signaal dat de provincie wil afgeven aan haar inwoners. Er moet worden gekozen tussen het behouden van de huidige status quo of het aanpassen van de uitgaven aan dienstwagens om een meer bescheiden en toegankelijk imago te projecteren.
SMART en Inconsistenties:
De motie is specifiek en meetbaar in termen van de maximale fiscale waarde van de auto's. Het is echter minder tijdgebonden, aangezien het alleen een verandering voor 2028 voorstelt, tenzij eerder mogelijk. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de haalbaarheid van eerdere implementatie is niet concreet uitgewerkt.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten moeten beslissen of zij de motie aannemen en daarmee het college de opdracht geven om de voorgestelde veranderingen door te voeren.
Participatie:
De motie zegt weinig over participatie van inwoners of andere belanghebbenden in het besluitvormingsproces. Het richt zich voornamelijk op de interne besluitvorming binnen de provincie.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid is een relevant onderwerp, aangezien de motie de nadruk legt op het gebruik van volledig elektrisch aangedreven voertuigen, wat bijdraagt aan milieuvriendelijke mobiliteit.
Financiële gevolgen:
De motie impliceert een mogelijke kostenbesparing door goedkopere voertuigen te leasen. Er wordt echter niet gedetailleerd aangegeven hoe deze besparingen precies gerealiseerd worden of hoe eventuele kosten voor eerdere implementatie gedekt zouden worden.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Samenvatting: De motie roept op tot de aanstelling van een Regenboogambassadeur in de provincie Flevoland. Dit initiatief komt voort uit de constatering dat discriminatie op basis van seksuele geaardheid in de provincie is toegenomen. De Regenboogambassadeur zou dienen als een schakel tussen de provincie en diverse regenboognetwerken, zowel nationaal als internationaal, en zou bijdragen aan de veiligheid en acceptatie van de LHBTI+ gemeenschap. De motie vraagt om de financiële dekking voor deze functie te regelen in de Programmabegroting 2025.
Oordeel over de volledigheid
De motie is redelijk volledig in de zin dat het duidelijk de noodzaak en de voorgestelde oplossing beschrijft. Het verwijst naar eerdere besluiten en de huidige situatie, maar mist specifieke details over de exacte taken en verantwoordelijkheden van de Regenboogambassadeur.
Rol van de Provinciale Staten
De Provinciale Staten hebben de rol om deze motie te beoordelen en te besluiten of zij het college van Gedeputeerde Staten de opdracht geven om een Regenboogambassadeur aan te stellen en de financiële dekking hiervoor te regelen.
Politieke keuzes
De politieke keuzes betreffen de prioritering van middelen en aandacht voor LHBTI+ kwesties binnen de provincie. Er moet worden besloten of de aanstelling van een Regenboogambassadeur de juiste manier is om de veiligheid en acceptatie van de LHBTI+ gemeenschap te bevorderen.
SMART en Inconsistenties
De motie is niet volledig SMART (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, Tijdgebonden). Het is specifiek in zijn doelstelling, maar mist meetbare criteria voor succes, een tijdsbestek voor implementatie, en een gedetailleerd plan voor de realisatie.
Besluit van de Provinciale Staten
De Provinciale Staten moeten besluiten of zij de motie aannemen en daarmee het college opdragen om een Regenboogambassadeur aan te stellen en de financiële dekking te regelen.
Participatie
De motie vermeldt niet expliciet hoe participatie van de LHBTI+ gemeenschap of andere belanghebbenden wordt vormgegeven in het proces van aanstelling en uitvoering van de taken van de Regenboogambassadeur.
Duurzaamheid
Duurzaamheid is geen direct onderwerp van deze motie. De focus ligt op sociale inclusie en veiligheid.
Financiële gevolgen
De motie vraagt om de financiële dekking voor de aanstelling van een Regenboogambassadeur te regelen in de Programmabegroting 2025, maar geeft geen specifieke details over de kosten of hoe deze gedekt zullen worden.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel en Samenvatting:
De motie draagt de titel "Een toegankelijk Flevoland" en richt zich op het verbeteren van de toegankelijkheid van bushaltes in Flevoland voor mensen met een fysieke beperking. Momenteel is 76% van de bushaltes niet volledig toegankelijk. Er is een totaalbedrag van 11,5 miljoen euro nodig om alle bushaltes toegankelijk te maken, terwijl het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat slechts 1 miljoen euro heeft toegekend. De motie verzoekt het college om in overleg met het Rijk een plan op te stellen en middelen beschikbaar te stellen om alle bushaltes toegankelijk te maken.
Oordeel over de volledigheid:
De motie is redelijk volledig in het schetsen van het probleem en de benodigde financiële middelen. Echter, het biedt geen gedetailleerd plan of tijdlijn voor de uitvoering.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten moeten de motie bespreken en besluiten of zij het college de opdracht geven om in overleg met het Rijk een plan op te stellen en middelen te zoeken.
Politieke keuzes:
De Staten moeten beslissen of zij prioriteit willen geven aan de toegankelijkheid van bushaltes en hoe zij de financiering willen aanpakken, gezien de beperkte middelen.
SMART en Inconsistenties:
De motie is niet volledig SMART (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, Tijdgebonden) omdat het geen specifieke tijdlijn of meetbare doelen bevat. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de haalbaarheid van de financiering is een punt van zorg.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Staten moeten besluiten of zij de motie aannemen en het college de opdracht geven om actie te ondernemen.
Participatie:
De motie vermeldt geen specifieke participatie van belanghebbenden, zoals mensen met een fysieke beperking, in het proces.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid wordt niet expliciet genoemd, maar het verbeteren van toegankelijkheid kan bijdragen aan sociale duurzaamheid door inclusiviteit te bevorderen.
Financiële gevolgen:
De financiële gevolgen zijn aanzienlijk, met een geschat benodigd bedrag van 11,5 miljoen euro. De motie geeft aan dat er slechts 1 miljoen euro beschikbaar is, zonder een duidelijk plan voor de dekking van het resterende bedrag.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel en Samenvatting:
De motie draagt de titel "Energiearmoede tegengaan op de lange termijn". Het richt zich op het aanpakken van energiearmoede in Flevoland, waarbij wordt erkend dat verduurzaming van woningen alleen niet voldoende is. De motie constateert dat energiearmoede is toegenomen van 3,8% in 2020 naar 5,5% in 2022. Het benadrukt de noodzaak van een langetermijnstrategie, aangezien kortetermijnmaatregelen mogelijk niet effectief zijn. De motie verzoekt het college om samen met Flevolandse gemeenten, op basis van een TNO-rapport, oplossingen te ontwikkelen voor huishoudens die structureel met energiearmoede kampen en hierover de Provinciale Staten te informeren.
Volledigheid van het Voorstel:
Het voorstel is redelijk volledig, aangezien het zowel de huidige situatie als de noodzaak voor een langetermijnoplossing adresseert. Echter, specifieke maatregelen of strategieën worden niet gedetailleerd beschreven.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten spelen een toezichthoudende rol door het college te verzoeken om samen met gemeenten oplossingen te ontwikkelen en hen hierover te informeren.
Politieke Keuzes:
De politieke keuzes betreffen de prioritering van langetermijnoplossingen boven kortetermijnmaatregelen en de mate van samenwerking met gemeenten en andere stakeholders.
SMART en Inconsistenties:
Het voorstel is niet volledig SMART (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, Tijdgebonden), omdat het geen specifieke doelen of tijdlijnen bevat. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de uitwerking van concrete maatregelen ontbreekt.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten moeten beslissen of zij het college willen verzoeken om samen met gemeenten oplossingen te ontwikkelen en hen hierover te informeren.
Participatie:
Het voorstel impliceert participatie door samenwerking met Flevolandse gemeenten, maar verdere details over bredere participatie van andere stakeholders worden niet genoemd.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid is een relevant onderwerp, aangezien energiearmoede deels wordt aangepakt door de energetische kwaliteit van woningen te verbeteren.
Financiële Gevolgen:
De motie bespreekt niet expliciet de financiële gevolgen of hoe deze gedekt zouden worden. Dit is een belangrijk aspect dat verder uitgewerkt moet worden.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Samenvatting: De motie betreft een pilotproject gericht op het aanpakken van bodemdaling in de provincie Flevoland, specifiek in de gebieden Zuidlob en Oud Emmeloorderweg. De motie constateert dat bodemdaling en natte weersomstandigheden leiden tot wateroverlast en bedreigen de voedselproductie. Er zijn al maatregelen genomen in delen van de Noordoostpolder (NOP), maar niet in de genoemde probleemgebieden. De motie roept op tot samenwerking met het Waterschap en ondernemers om een pilot voor onderbemaling uit te voeren. Daarnaast wordt gevraagd om gezamenlijke sessies met Staten- en Waterschapsleden en een plan van aanpak met investeringsbijdrage voor te leggen aan de Provinciale Staten.
Oordeel over de volledigheid van het voorstel
Het voorstel is redelijk volledig in termen van probleemstelling en voorgestelde acties. Het benoemt de betrokken partijen en de noodzaak voor zowel korte- als lange-termijnoplossingen. Echter, het mist specifieke details over de uitvoering en meetbare doelen van de pilot.
Rol van de Provinciale Staten
De Provinciale Staten hebben de rol om het voorstel te beoordelen, goed te keuren en te zorgen voor de benodigde financiering vanuit de Brede Bestemmingsreserve. Ze worden ook betrokken bij de gezamenlijke sessies om oplossingen te bespreken.
Politieke keuzes
De politieke keuzes betreffen de prioritering van middelen en aandacht voor bodemdaling, de samenwerking met het Waterschap en ondernemers, en de beslissing om een investeringsbijdrage beschikbaar te stellen.
SMART en Inconsistenties
Het voorstel is niet volledig SMART (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, Tijdgebonden). Het mist specifieke meetbare doelen en tijdlijnen voor de pilot. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de details over de uitvoering zijn beperkt.
Besluit van de Provinciale Staten
De Provinciale Staten moeten besluiten of ze de motie aannemen en de voorgestelde investeringsbijdrage goedkeuren.
Participatie
Het voorstel benadrukt participatie door samenwerking met het Waterschap en ondernemers en door het organiseren van gezamenlijke sessies met Staten- en Waterschapsleden.
Duurzaamheid
Duurzaamheid is een relevant onderwerp, aangezien bodemdaling en waterbeheer direct invloed hebben op de landbouw en het milieu.
Financiële gevolgen
De motie vraagt om een investeringsbijdrage uit de Brede Bestemmingsreserve, maar specificeert niet de exacte kosten. Het is onduidelijk hoe de financiële middelen precies gedekt worden, wat een aandachtspunt is voor verdere uitwerking.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.