Let op: AI kan fouten maken. Dit artikel is nog niet gecontroleerd door de griffie.
De Provinciale Staten van Flevoland hebben de startnotitie voor het cultuurbeleid 2025-2028 besproken. Deze notitie vormt het begin van het traject richting een nieuw cultuurbeleid, dat voor de zomer van 2024 ter besluitvorming wordt voorgelegd. Het huidige beleid loopt eind 2024 af.
Politiekverslaggever Rijk de Bat
Tijdens de vergadering zijn verschillende onderwerpen aan de orde gekomen, waaronder financiering, diversiteit en de positie van amateurkunst.
GroenLinks heeft het belang van kunst als intrinsieke waarde onderstreept en aandacht gevraagd voor het vroegtijdig in contact brengen van kinderen met cultuur. 50PLUS heeft aandacht gevraagd voor transparantie in de financiering en verzocht om inzicht in de verschillende financieringsbronnen binnen het cultuurbeleid.
Forum voor Democratie heeft een motie ingediend tegen het gebruik van diversiteits- en inclusiecodes als criterium voor subsidieverlening aan culturele instellingen. PvdA en CDA hebben gepleit voor meer aandacht voor amateurkunst en het betrekken van amateurkunstverenigingen bij het opstellen van het nieuwe beleid. Het CDA heeft hiervoor een amendement ingediend.
Gedeputeerde Sjaak Simonse heeft aangegeven dat amateurkunst primair een gemeentelijke verantwoordelijkheid is en heeft het amendement van het CDA ontraden. Volgens de gedeputeerde biedt de provincie via Kunstlink reeds ondersteuning aan amateurkunst, maar is het betrekken van alle amateurkunstverenigingen niet uitvoerbaar.
De bespreking van de startnotitie markeert het begin van het proces om te komen tot een nieuw cultuurbeleid voor Flevoland. Verdere besluitvorming volgt later in 2024.
Samenvatting van het voorstel
De Provinciale Staten overwegen een nieuw cultuurbeleid voor de periode 2025-2028. Het proces begint met een Startnotitie, waarin de stappen, betrokken partijen, acties en planning worden beschreven. Het ontwerpbeleid wordt voor de zomer van 2024 ter besluitvorming voorgelegd, met een definitief besluit eind 2024. Het nieuwe beleid moet de culturele infrastructuur in Flevoland versterken en biedt een kader voor culturele instellingen om hun beleid en subsidies te baseren. Het huidige cultuurbeleid loopt eind 2024 af, dus tijdige duidelijkheid is belangrijk. Er zijn geen grote wijzigingen verwacht na de inspraakperiode, maar culturele instellingen moeten hun plannen baseren op het ontwerpbeleid. De Provinciale Staten worden betrokken bij verschillende bijeenkomsten en sessies om input te verzamelen voor het nieuwe beleid.
Titel en Samenvatting:
De titel van het voorstel is "Startnotitie Cultuurbeleid 2025-2028". Het voorstel betreft de voorbereiding van een nieuw cultuurbeleid voor de provincie Flevoland voor de periode 2025-2028. Het document schetst de kaders, het proces en de planning voor de ontwikkeling van dit beleid. Het doel is om de culturele infrastructuur in de provincie te versterken. De startnotitie bevat een plan van aanpak met te zetten stappen, betrokken partijen, acties en een tijdpad. Het ontwerpbeleid moet voor het zomerreces van 2024 worden voorgelegd, met een definitief besluit eind 2024.
Volledigheid van het Voorstel:
Het voorstel is redelijk volledig. Het bevat een duidelijke planning, betrokken partijen en een overzicht van de te ondernemen stappen. Echter, meer gedetailleerde informatie over specifieke beleidsmaatregelen en financiële implicaties zou de volledigheid kunnen verbeteren.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten hebben de bevoegdheid om het cultuurbeleid vast te stellen. Ze moeten de startnotitie goedkeuren en later het ontwerp- en definitieve beleid beoordelen en vaststellen.
Politieke Keuzes:
De Staten moeten beslissen over de prioriteiten binnen het cultuurbeleid, zoals welke culturele initiatieven en instellingen ondersteund worden. Ze moeten ook keuzes maken over de verdeling van middelen en de mate van participatie van het culturele veld.
SMART en Inconsistenties:
Het voorstel is deels SMART (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, Tijdgebonden) doordat het een tijdpad en betrokken partijen noemt. Echter, specifieke meetbare doelen ontbreken, wat het moeilijk maakt om de effectiviteit van het beleid te evalueren. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de late start van het proces kan een risico vormen.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Staten moeten besluiten om de startnotitie goed te keuren en later het ontwerp- en definitieve beleid vast te stellen.
Participatie:
Het voorstel benadrukt participatie door het culturele veld te betrekken via sessies en een markt. Dit biedt ruimte voor input en feedback van culturele instellingen en makers.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid wordt niet expliciet genoemd als een relevant onderwerp in het voorstel. Het zou echter een overweging kunnen zijn bij het versterken van de culturele infrastructuur.
Financiële Gevolgen:
Het voorstel vermeldt geen specifieke financiële gevolgen of hoe deze gedekt worden. Dit is een belangrijk aspect dat verder uitgewerkt moet worden om de haalbaarheid van het beleid te waarborgen.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel en Samenvatting:
Het amendement betreft Artikel 26 van het Reglement van Orde van de Provinciale Staten van Flevoland, met als onderwerp "Transparantie m.b.t. middelen" in relatie tot het Statenvoorstel "Startnotitie Cultuurbeleid 2025-2028". Het amendement beoogt de financiële middelen die worden ingezet voor cultuurprogramma's transparanter en inzichtelijker te maken. Dit moet de Provinciale Staten in staat stellen om beter geïnformeerde beslissingen te nemen over het cultuurbeleid en hun budgetrecht effectief uit te oefenen.
Oordeel over de volledigheid:
Het amendement is specifiek en richt zich op het verbeteren van de transparantie van financiële middelen binnen het cultuurbeleid. Het biedt echter geen gedetailleerde richtlijnen over hoe deze transparantie precies gerealiseerd moet worden, wat een punt van verbetering kan zijn.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten hebben de rol om het amendement te beoordelen en te besluiten of het wordt aangenomen. Ze moeten ook toezien op de uitvoering van het cultuurbeleid en de daarbij behorende financiële transparantie.
Politieke keuzes:
De Staten moeten beslissen of ze het belangrijk vinden om meer inzicht te krijgen in de financiële middelen die aan cultuurprogramma's worden besteed. Dit kan invloed hebben op prioriteiten binnen het cultuurbeleid en de toewijzing van middelen.
SMART en Inconsistenties:
Het amendement is specifiek en meetbaar in de zin dat het vraagt om transparantie van financiële middelen. Het is echter minder specifiek over de wijze van implementatie, wat de haalbaarheid en tijdsgebondenheid kan beïnvloeden. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de uitvoerbaarheid kan verder worden uitgewerkt.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten moeten besluiten of ze het amendement aannemen, wat zou betekenen dat ze de eis voor financiële transparantie in het cultuurbeleid onderschrijven.
Participatie:
Het amendement zelf zegt niets over participatie van burgers of andere belanghebbenden. Het richt zich voornamelijk op de interne processen van de Provinciale Staten.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid wordt niet expliciet genoemd in het amendement, maar kan indirect relevant zijn als de transparantie leidt tot betere besluitvorming over duurzame culturele initiatieven.
Financiële gevolgen:
Het amendement vraagt om transparantie van financiële middelen, maar bespreekt niet de directe financiële gevolgen of hoe eventuele kosten voor het verbeteren van de transparantie gedekt worden. Dit kan een aandachtspunt zijn voor verdere uitwerking.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel en Samenvatting:
Het amendement betreft Artikel 26 van het Reglement van Orde van de Provinciale Staten van Flevoland, specifiek gericht op het consulteren van amateurkunstverenigingen in het kader van de Startnotitie Cultuurbeleid 2025-2028. Het amendement stelt voor om amateurkunstverenigingen toe te voegen aan de lijst van te consulteren partijen in het plan van aanpak voor het nieuwe cultuurbeleid. Dit is belangrijk omdat deze verenigingen een cruciale rol spelen in de samenleving en talentontwikkeling bevorderen. Het doel is om ervoor te zorgen dat deze groepen inspraak hebben in het beleid dat hen direct beïnvloedt.
Oordeel over de volledigheid:
Het amendement is specifiek en duidelijk in zijn doelstelling om amateurkunstverenigingen te betrekken bij het cultuurbeleid. Het biedt een concrete wijziging in het plan van aanpak, maar verdere details over hoe deze consultatie zal plaatsvinden, ontbreken.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten zijn verantwoordelijk voor het vaststellen van het cultuurbeleid en moeten beslissen of amateurkunstverenigingen worden opgenomen als te consulteren partij in het beleidsproces.
Politieke keuzes:
De Staten moeten kiezen of zij amateurkunstverenigingen als een belangrijke stakeholder zien die betrokken moet worden bij het cultuurbeleid. Dit kan invloed hebben op de prioritering van middelen en aandacht binnen het cultuurbeleid.
SMART en Inconsequenties:
Het voorstel is specifiek en meetbaar in de zin dat het duidelijk aangeeft welke wijziging moet worden doorgevoerd. Het is echter niet volledig SMART omdat er geen specifieke tijdsgebonden doelen of meetbare resultaten zijn opgenomen. Er zijn geen duidelijke inconsequenties in het voorstel zelf.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten moeten beslissen of zij het amendement aannemen en daarmee amateurkunstverenigingen opnemen in de consultatie voor het cultuurbeleid.
Participatie:
Het amendement benadrukt participatie door amateurkunstverenigingen te betrekken bij het beleidsproces, wat hun invloed en betrokkenheid vergroot.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid wordt niet expliciet genoemd in het amendement, maar het betrekken van lokale verenigingen kan bijdragen aan een duurzame culturele infrastructuur.
Financiële gevolgen:
Het amendement zelf bespreekt geen directe financiële gevolgen of de dekking daarvan. Het is mogelijk dat de consultatie van extra partijen enige kosten met zich meebrengt, maar dit wordt niet gespecificeerd.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel en Samenvatting:
De motie draagt de titel "Geen diversiteitsdwang in de culturele sector". Het voorstel richt zich op het cultuurbeleid van de Provincie Flevoland voor de periode 2025-2028. Het stelt dat culturele instellingen niet gedwongen moeten worden om aan de Code Diversiteit & Inclusie te voldoen als voorwaarde voor subsidie. De motie benadrukt dat het huidige beleid instellingen dwingt hun eigenheid te verliezen en pleit ervoor dat subsidie-aanvragen niet geweigerd worden op basis van deze code.
Oordeel over de volledigheid:
De motie is duidelijk in haar doelstelling en bevat concrete constateringen en overwegingen. Echter, het biedt geen uitgebreide analyse van de mogelijke gevolgen van het niet toepassen van de Code Diversiteit & Inclusie.
Rol van de Provinciale Staten:
De Provinciale Staten hebben de rol om te beslissen over het cultuurbeleid en de bijbehorende subsidievoorwaarden. Zij moeten de motie beoordelen en besluiten of zij het college willen opdragen de voorgestelde wijziging door te voeren.
Politieke keuzes:
De Staten moeten kiezen tussen het handhaven van de huidige diversiteitsvoorwaarden voor subsidies of het versoepelen ervan, zoals voorgesteld in de motie. Dit vraagt om een afweging tussen het bevorderen van diversiteit en het behouden van de autonomie van culturele instellingen.
SMART en Inconsistenties:
De motie is specifiek en meetbaar in haar doel om de diversiteitscode niet als subsidievoorwaarde te hanteren. Echter, het is minder duidelijk hoe de impact van deze wijziging geëvalueerd zal worden, wat de tijdsgebondenheid en haalbaarheid betreft.
Besluit van de Provinciale Staten:
De Staten moeten besluiten of zij de motie aannemen en het college opdragen de subsidievoorwaarden aan te passen zoals voorgesteld.
Participatie:
De motie vermeldt geen specifieke participatie van belanghebbenden in de besluitvorming, hoewel het wel verwijst naar stemmen uit de culturele sector die waarschuwen voor de gevolgen van het huidige beleid.
Duurzaamheid:
Duurzaamheid wordt niet expliciet genoemd in de motie en lijkt geen centraal thema in dit voorstel.
Financiële gevolgen:
De motie bespreekt niet direct de financiële gevolgen of hoe deze gedekt zouden worden. Het richt zich meer op de beleidsmatige kant van subsidievoorwaarden dan op de financiële implicaties.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.
Titel: Investering in Brede Cultuur voor Amateur Niveau
Samenvatting: De motie roept op tot een verhoogde investering in de brede cultuursector, met specifieke aandacht voor amateurkunst. Het erkent het belang van cultuur voor sociale cohesie en persoonlijke ontwikkeling en stelt dat de provincie Flevoland een rol kan spelen in het toegankelijk maken van kunst en cultuur voor verschillende leeftijdsgroepen. Het college wordt opgedragen een plan op te stellen voor deze investering en samen te werken met lokale initiatieven om participatie te stimuleren. Er wordt voorgesteld om jaarlijks een tentoonstelling te organiseren in het provinciehuis met een prijsuitreiking voor amateurkunstenaars.
Oordeel over de Volledigheid
De motie is redelijk volledig in het schetsen van de context en de gewenste acties. Het benoemt de noodzaak van een plan en samenwerking met lokale initiatieven, maar mist specifieke details over de omvang van de investering en de verwachte resultaten.
Rol van de Provinciale Staten
De Provinciale Staten moeten de motie beoordelen en besluiten of zij het college willen opdragen om een plan te ontwikkelen voor de investering in de amateurkunstsector. Zij spelen een beslissende rol in het al dan niet aannemen van de motie.
Politieke Keuzes
De Staten moeten kiezen of zij prioriteit willen geven aan de ondersteuning van amateurkunst en cultuur, en of zij bereid zijn om hiervoor financiële middelen vrij te maken. Dit kan invloed hebben op andere budgettaire prioriteiten.
SMART Analyse en Inconsistenties
De motie is niet volledig SMART (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, Tijdgebonden). Het is specifiek in zijn doel om amateurkunst te bevorderen, maar mist meetbare doelen, een tijdsbestek, en een duidelijk financieel kader. Er zijn geen duidelijke inconsistenties, maar de uitvoering is afhankelijk van verdere uitwerking.
Besluit van de Provinciale Staten
De Provinciale Staten moeten besluiten of zij het college willen opdragen om een plan te ontwikkelen voor de investering in de amateurkunstsector, zoals voorgesteld in de motie.
Participatie
De motie benadrukt het belang van samenwerking met lokale culturele initiatieven en verenigingen om participatie op amateurniveau te stimuleren. Dit wijst op een participatieve benadering.
Duurzaamheid
Duurzaamheid wordt niet expliciet genoemd in de motie, maar kan impliciet relevant zijn als het gaat om de langdurige ondersteuning en ontwikkeling van de culturele sector.
Financiële Gevolgen
De motie spreekt over een verhoogde investering, maar specificeert niet de financiële omvang of hoe deze investering gedekt zal worden. Dit is een belangrijk aspect dat verder moet worden uitgewerkt in het voorgestelde plan.
Dossier vormen
Typ of selecteer een zoekterm, voeg optioneel een of meer alternatieven toe (komma gescheiden) en verfijn de zoekopdracht naar behoefte met extra zoektermen.